woensdag 2 januari 2013

Spreuk

Hij stapte met het verkeerde been uit bed en zette toch zijn beste beentje voor
Wie goed doet, goed ontmoet, maar met haastige spoed komt het zelden goed
Onder mijn voeten was de grond zo heet dat de kou ervan uit de lucht raakte
Een goede verstaander heeft maar een half woord nodig, tenzij het woord het ene oor ingaat en het andere uit
De bomen groeien tot aan de hemel daar vangen ze vast veel wind
De beste stuurlui staan aan wal geen zee gaat hen te hoog
De tandarts vult met praatjes mijn gaatjes, hij kletst de oren van mijn hoofd
De lamme helpt de blinde en die ziet alles door een roze bril
Haantje de voorste is er als de kippen bij
Geld is de bron van alle kwaad, stinken doet het niet
Het scheelt een slok op een borrel als het glas halfvol is
Terwijl ik groen en geel zag werd het me zwart voor de ogen
Jantje lacht, Jantje huilt, maar het huilen stond hem nader dan het lachen
Van je eigen broek ophouden zakt je broek soms af
Achteraf bezien had ik beter een vooruitziende blik kunnen hebben
Wie zijn neus schendt, schendt zijn aangezicht, je moet je neus ook niet overal insteken
Het is een moederskindje is, maar heeft een aardje naar zijn vaartje
Je kunt zoveel hooi op je vork nemen, dat je de schouders eronder moet zetten
Voor ze er samen doorheen konden trapten ze eerst een open deur in
Wie niet horen wil moet voelen is aan dovemansoren gezegd
Ik ben ziende blind en zie door de bomen het bos niet meer
Wie niet waagt, wie niet wint en neemt zijn verlies
Wie niet sterk is moet slim zijn en zich niet van de domme houden
Je kunt wel mooie jongen hebben en toch voor aap staan
Uit de lengte of uit de breedte, wie het breed heeft laat het breed hangen
Ik heb mijn punt gemaakt en zet er een punt achter.

4 opmerkingen: