Waar je ook bent, op elke grote camping zie je het gebeuren.
Op het terras, onder het afdak bij de receptie, op bankjes in de speeltuinen en
indien aanwezig in het restaurant.
Het campingvolk dromt samen met laptop, iPad, tablet en telefoon.
Iedereen zoekt contact met het thuisfront voor het laatste nieuws. Een enkeling
maakt gebruik van skipe.
Slechte en goede ervaringen met ontvangst van internet
worden luidkeels uitgewisseld.
De belangrijkste vraag bij aankomst aan de medekampeerder
is; ‘Hoe is hier de internetverbinding?’
Op camping Zus gaat internetten probleemloos en kun je onder
je luifeltje contact maken met de buitenwereld. Op camping Zo kost een uurtje
online goud geld en op camping Zusenzo gaat het niet zonder hindernissen. Wij
bevinden ons aan het begin van de trektocht door Frankrijk op camping Zusenzo.
WIFI is gratis en dat zien wij Hollanders graag, maar het is een potje
ingewikkeld om op het wereldwijde net te komen. Allereerst moeten er de nodige
gegevens worden ingevuld, ja we zijn daar gek om zomaar alles prijs te geven.
Echtgenoot knutselt het een en ander op het digitale formulier, daarna moet hij
verplicht een video bekijken met alle ins en outs van de aanbieder en dan kan hij
eindelijk aan de slag, althans voor zo lang het duurt want het gebeurt
regelmatig dat de verbinding wordt verbroken. Ik besluit meteen de eerste avond
buiten onze landsgrenzen het internet in deze vakantie voor gezien te houden.
Ik heb geen zin in moeilijk gedoe. Echtgenoot is van een geheel ander kaliber
en doorstaat alle sores om dagelijks de krant te downloaden en buienradar te
raadplegen. Hij gaat er zelfs voor naar de plaatselijke VVV als de kleine
campings, waar we graag neerstrijken, geen faciliteiten bieden. Op grotere campings ga ik af en toe met hem mee en noteer in
mijn schrijfboekje wat ik hoor en zie om dat bij thuiskomst te bewerken. Ik verneem
dat Tante Truus goed herstelt van een heupoperatie en buurman Jan zit lekker
warm op het strand van Benidorm, terwijl wij hier in de buurt van Bayeux ’s
avonds af en toe het elektrisch kacheltje gebruiken om op te warmen. Het is
half mei en de temperaturen zijn aan de lage kant.
Kleinkind Karel heeft samen met zijn voetbalteam een beker
gewonnen, Oma naast mij in het restaurant glimt van trots.
Aan een ander tafeltje wordt gesputterd dat whatsappen op
deze camping maar niet wil lukken. ‘Te gek voor woorden’ vindt het slachtoffer.
‘Zoiets moet toch gewoon lukken. In Spanje is het allemaal veel beter
geregeld.’
Ook daar heb ik geen problemen mee, contact met het
thuisfront gaat via sms,
hoe antiek … en dan nog alleen om te melden dat we weer een
aantal kilometers zijn opgeschoven. Het is een zegen dat je niet meer op een
marktpleintje in een telefooncel staat te roepen hoe, met heerlijk weer, alles
naar wens verloopt. Blij dat je muntjesvoorraad bijna op is, zodat het verhaal
over neef Cor en zijn capriolen niet meer kan worden verteld. Maar dagelijks in
de stress om aan het communicatie-infuus te gaan is het andere uiterste. Ik
geef toe, ik ben niet helemaal van deze tijd, hoewel … de E-reader, daar kan ik
niet meer zonder.
Ik heb me suf gelezen.
foto's internet