In verband met modereren kan het zijn dat het even duurt voor je reactie zichtbaar is.

Posts tonen met het label winkels. Alle posts tonen
Posts tonen met het label winkels. Alle posts tonen

woensdag, januari 12, 2022

Vergeetgeuren

Van een bekende drogisterijketen ontvang ik een boekje met interessante kortingsbonnen. Vooral de aanbiedingen met 40 % korting op een Eau de Toilette trekken mijn aandacht. Mooie gelegenheid eens een ander geurtje uit te proberen en er een klein flesje van aan te schaffen. Achterop de bonnen staat dat ze niet gebruikt kunnen worden met andere kortingsacties.

Op naar de drogist en wat denk je, hebben die slimmeriken alle kleine verpakkingen in de aanbieding, zodat je een grote fles moet aanschaffen wil je plezier van de kortingsbon hebben. Ik voel me op zijn zachtst gezegd belazerd en gebruik van nijd een parfumtester op beide polsen. Voor deze daad word ik rijkelijk gestraft want als ik al lang de winkel heb verlaten, ruik ik het opgespoten geurtje nog steeds. Als ik iets vervelend vind, is het parfum ruiken van iemand die al honderd meter verder is. Nu trek ik zelf een geurspoor door het winkelcentrum. Een dag later hangt er in de auto nog de vage lucht van mijn handeling. Een ding weet ik zeker, dit goedje koop ik zelfs niet in kleine verpakking in de aanbieding. Wat een lucht…

Voor de schrijfveer van vandaag heb ik een ouwetje uit februari 2011 van stal gehaald. Na 11 jaar kan hij na een beetje schaafwerk nog wel een keer in de aanbieding.
Voor meer dagelijkse schrijfveren klik op het schrijfveertje rechts op de pagina.

vrijdag, mei 15, 2020

Rondje Corona

Aan de gemeente ligt het niet


Eenrichtingsverkeer is nog wennen


Zij moet erop toezien
door meneer F. omgedoopt tot 
BOA-restrictor

In het gelid wachten op betere tijden

De meest karakteristieke winkel van de stad
windt er geen doekjes om. 
Meer ruimte is er niet

Toppunt van solidariteit
 Zelfs de meerkoet zit achter beschermend plastic
foto's ferrara
klik voor vergroten op de foto's

zaterdag, oktober 12, 2019

Zomerkoninkjes

Tussen de buien door en met straffe tegenwind fiets ik naar Lidl voor een broodnodige boodschap. Tijdens het stallen van mijn fiets zie ik vanaf de parkeerplaats een vrouw op leeftijd richting de supermarkt lopen.
Een grijze uitgezakte jas hangt als een hobbezak om haar lichaam en haar lange haren zijn in de wind verwaaid geraakt. In haar kielzog loopt een corpulente jongere man. Ze moppert op hem en klaagt over de haast die hij de vorige week had tijdens het boodschappen doen. De conclusie dat het haar zoon is die voor vervoer heeft gezorgd, ligt voor de hand.
We arriveren tegelijk bij de schuifdeur waar ik het stel laat voorgaan.

De man stevent regelrecht naar de groenteafdeling waar bleekrode Hollandse aardbeien in het schap liggen. Achter hem sputtert zijn moeder: ‘Ben je gek joh, die dinge sjijn niet te freejte, het is geen taid foor aardbaien.’ Zo dat kan de beste supermarkt in groente en fruit in de zak steken.
Ik schiet in de lach, steek mijn duim op en zeg: ‘U heeft gelijk mevrouw, ze zijn in oktober echt niet lekker meer.’ 
Ze grijnst naar me. ‘Se hete niet voor niks somerkoninkjes.’  Aan de rij tanden die ze bloottrekt ontbreekt er een aantal. Als je niet beter wist zou je denken dat ze aan het wisselen is.
Terwijl ik afzwaai naar de bakkerij vraag ik me af of ik dit stel een poosje ongemerkt zal volgen. Zij lijkt mij het type waar misschien wel een verhaal in zit. Er komen vast meer luidruchtige opmerkingen uit haar gehavende mond die zoonlief,  al dan niet geduldig, in zijn oren moet knopen.
Maar aangezien het nog steeds droog is lokt het me meer om te proberen ook droog thuis te komen. 
Met twee, nog warme stokbroden onder mijn arm, kies ik voor een snelle gang naar de kassa.

donderdag, april 04, 2019

Denktank


In de fietsenwinkel, waar we maandag onze nieuwe E-bikes ophalen, is het zoals gewoonlijk een drukte van belang. Als je daar binnenloopt, weet je dat het tijd gaat kosten. Eerlijk is eerlijk elke klant krijgt de aandacht die wordt verlangd. Afleveren van nieuwe fietsen is een zaak die nauwkeurig wordt afgehandeld.
Een van de jongste bediendes heeft onze aanwinst klaargezet in de buurt van de koffiehoek. 

Terwijl we staan te wachten op de verkoper met verstand van zaken, zie ik op de bank in de koffiehoek een oudere man zitten. Zijn weinige haar ziet er vettig uit en piekt alle kanten op. Zijn kleding is van vervallen snit.
Ik stal hem in de categorie ‘morsig type’. De man is weliswaar verdiept in een tijdschrift over fietsen, maar ik vermoed dat hij meer voor de koffie en de altijd verse cake komt. Even later schuift een jonge scholier bij hem aan. Hij oogt als een brugklasser. Zijn donkere krullenbol buigt zich over zijn rugzak en hij diept een pakje chocomel op, vervolgens neemt hij een plakje cake van de schaal en begint op zijn gemak aan de lekkernij. 
Meneer Morsig kijkt op van zijn lectuur en begint een praatje met het knulletje. Waar het onderwerp zo snel vandaan komt is me een raadsel maar ik hoor de man zeggen. 
’Ik heb dagen dat ik me Amerikaan voel. Dan word ik ’s morgens wakker en denk aan Amerika. Ik ben er nooit geweest, maar ik weet dat het een mooi land is.’
De scholier vraagt belangstellend of hij soms een poster in zijn slaapkamer heeft hangen. Hij geeft een beschrijving van Uncle Sam in zijn kostuum van stars en stripes, met hoge hoed. ‘Weet u wel die man met die strenge ogen en wijzende vinger.’ En passant noemt de knul een handvol presidenten uit vervlogen tijden. Ik hoor onder andere Lincoln en Jefferson voorbijkomen. Meneer Morsig constateert dat zijn gesprekspartner verstand heeft van de VS.
‘Ik heb een spreekbeurt gehouden over alle presidenten van Amerika.’
De knul schudt Kennedy, Johnson en Nixon ook nog even uit zijn mouw.
‘Vergeet Ronald Reagan niet, dat was ook een goeie. Trouwens wat Trump nu in zijn eentje allemaal doet, dat vind ik echt heel knap. Die muur die hij bouwt bij Mexico, dat bokst ie toch maar even voor elkaar.’
Gedecideerd gaat de krullenbol er op in. ‘Ik ben dat niet met u eens. Ik vind die muur helemaal niet goed.’
De zelfbenoemde Amerikaan verdedigt zijn standpunt met verve. Hij vertelt over miljoenen arme sloebers die de grens over willen om werk te zoeken ten koste van de burgers van Amerika. Hij vindt dat Trump groot gelijk heeft met zijn muur.
De scholier vindt dat de rijke VS zich best wat vrijgeviger mogen opstellen naar hun buurlanden en dat ze zonder muur tot andere oplossingen moet komen.
Meneer Morsig doet er nog een schepje bovenop. ‘Wat denk je wel wat dat allemaal kost, daarbij haal je een hoop misdaad binnen.’ 
Dapper houdt de brugklasser zijn mening overeind. 
’Ik hoor het al, wij worden het niet eens’, zegt de volwassene.
‘Dat geeft toch niet.’ zegt het knulletje en neemt nog een plak cake.
‘Daarom kun je nog wel met elkaar praten.’ Het joch steelt mijn hart.

‘Dag mevrouw en meneer F. u komt uw fietsen halen?’
Met moeite draai ik me naar de verkoper en concentreer me op middenmotor, display, versnellingen en een slim verstopte fietsbel.
Na de nodige instructies en uiteraard afrekenen begeleidt de verkoper ons naar buiten voor een laatste proefritje om te zien of alles goed staat afgesteld.
We passeren de bank waar mijn duo nog steeds in hun politieke kwestie verwikkeld zit.

Op weg naar buiten vertel ik de verkoper dat ik het stel in de koffiehoek heb afgeluisterd. Ik spreek mijn bewondering uit over de jonge wijsneus. Enthousiast zegt de man dat de scholier een pienter ventje is dat drie keer per week komt buurten en hele discussies houdt met de collega’s uit de werkplaats. Ondertussen doet hij zich tegoed aan de cake.
‘Die oude man is een beetje een zonderling en komt elke dag voor zijn koffie.’ aldus de fietsenman. ‘Hij zit ons niet in de weg, hij doet geen vlieg kwaad.’
Een fietsenwinkel in de sociale opvang, daar kan Trump nog wat van leren.

Onder het toeziend oog van de verkoper fietsen we een keuringsronde en komen gezamenlijk tot de conclusie dat de verhoudingen tussen zadel, stuur en pedalen kloppen.
De verkoper feliciteert ons met de nieuwe aanwinst en wenst ons veel fietsplezier.
Voor wij het terrein zijn afgefietst staat hij alweer bij een volgende klant.
Meneer Morsig neemt vast nog een kop koffie, het is nog lang geen sluitingstijd.

zaterdag, februari 09, 2019

Thee-ei

Bij mij in de buurt is een overdekt winkelcentrum waar AH, Etos, Gall en Gall, een vishandel inclusief klein restaurant, een bloemenwinkel en de schoenmaker op de begane grond zijn verzameld. De roltrap voert je naar Blokker, Shoeby, Xenos, Big Bazar en Action, kortom er is hier voor elk wat wils. Met name op de bovenverdieping vind je, behalve bij Shoeby kleding, van alles hetzelfde. De ene winkel is nog goedkoper dan de ander.
Vanmiddag ben ik op zoek naar hobbyspullen en begin mijn strooptocht bij Xenos.
De jeugdige medewerksters zijn doende vakken te vullen, handelswaar op te stapelen en ondertussen kletsen ze elkaar de oren van het hoofd. 
Een man van een jaar of vijftig vraagt de dames of ze een thee-ei verkopen. Het grut kijkt elkaar aan en haalt de schouders, de jongste van het stel zegt: ‘Een thee-ei wat is dat? Daar heb ik nog nooit van gehoord.’ 
De klant legt uit dat hij een eivorm van metaal zoekt met gaatjes erin en bovenop een kettinkje. Je kunt het openmaken doet er losse thee in en hangt het aan het kettinkje in de theepot met gekookt water.
De oudste dozenstapelaar loopt met de man naar de theeafdeling om hem te helpen bij zijn zoektocht. Ik wacht de expeditie niet af en verleg mijn eigen zoekactie naar de Action, waar ik naar tevredenheid slaag. 
Terwijl ik de winkel verlaat schuift de vijftiger binnen. Ik kan niet laten te vragen of hij nog een thee-ei heeft bemachtigd.
Dat heeft hij en zowaar bij Xenos op de theeafdeling. Daar lagen ze gewoon op de plank.
‘Ach ja’, zegt de theeliefhebber met een brede grijns. ‘Ik had naar een infuser moeten vragen, dan had de jeugd wel geweten dat het over thee ging.’

Onderweg naar huis houdt het vraagstuk me bezig. Moet ik, terwijl ik tegen de zeventig loop en mezelf redelijk bij de tijd acht, weten dat een thee-ei tegenwoordig infuser heet of mag ik van de jeugd, die wordt overvoerd met Engelse termen, het tegenovergestelde verlangen. Ach, wat maakt het uit. 
De jeugd en ik hebben allebei wat geleerd vandaag.

zaterdag, juli 21, 2018

AH-BIngo rectificatie

Bingo, vandaag trof ik bij de snelkassa de winkelmanager. Achter mij sloot er niemand aan dus een mooie gelegenheid om mijn vraag over de zegeltjes te stellen. Wat blijkt, op de zegelrollen staat steeds achter elkaar het woord Bingo, dus zodra je voor 50 euro boodschappen op de band legt komt hoe dan ook het woord bingo van de rol. Bij deze is dat vraagstuk dus opgelost  
Ik besteedde 45 eurocent aan een fles gedemineraliseerd water voor in het strijkijzer. 
Jammer voor de buurvrouw dat bedragje levert geen ene pretletter op.
Nu denken jullie waarschijnlijk: 'Welke fanaat gaat er met dit weer aan de strijkplank staan.'
Ik niet hoor, maar dat spul was op en je kunt het maar beter in voorraad hebben.

zondag, juli 15, 2018

AH-Bingo

Albert Heijn heeft weer een zegeltjesactie. 
Spaar een volle bingokaart voor een gratis tweede kaartje om een attractie te bezoeken. Elk tientje dat je uitgeeft is goed voor een letter uit het woord bingo. Het kan dus zijn, dat als je voor 50 euro aan boodschappen haalt, je 5 willekeurige letters van de rol krijgt en dat het nog heel wat bezoeken aan AH vraagt voor je het woord bingo bij elkaar hebt gewinkeld.
Tot mijn verbazing lees ik in de piepkleine lettertjes dat als je de boodschappen online hebt besteld en je voor 50 euro hebt aangeklikt, er een volle bingokaart wordt toegevoegd. Aangezien ik binnenkort naar de oogarts moet geloof ik mijn ogen niet en besluit ook even op internet te kijken en jawel hoor daar staat in normale leesletters hetzelfde. Hoe oneerlijk is dat?

Het moge duidelijk zijn, ik doe nog steeds ouderwets boodschappen en voor jullie me adviseren bij een andere kruidenier mijn heil te zoeken, dat doe ik al. Er zijn er meer in onze buurt. Helaas hebben ze enkele producten, die in huize F. worden gebruikt, niet in de schappen.
Toch zou ik willen dat ik het lef had binnenkort voor 50 euro boodschappen te halen bij AH, daarna de manager naar de kassa te dirigeren, hem daar op de kleine lettertjes te wijzen om vervolgens de kassière de opdracht te geven net zo lang op haar zegeltjesrol te zoeken tot ze mij het woord bingo kan overhandigen.
Zien jullie de gestaag groeiende rij voor de bewuste kassa en de klanten die hetzelfde gaan eisen. 
Wedden dat er een medewerker komt vertellen hoe handig het is om van de zelfscanner gebruik te maken. Dat is pas Bingo voor AH.
Hoe meer klanten zelf gaan scannen hoe minder kassières er nodig zijn.
Aan die stimulering van de werkeloosheid doe ik ook al niet mee.

Voor jullie me volgende week vragen of ik al bij AH ben geweest, ik vrees dat ik de daad niet bij het woord durf te voegen.

dinsdag, januari 23, 2018

Blij met een dooie mus

In een miezerig buitje dat vergezeld gaat van een valse wind, fiets ik naar de supermarkt. Geen tochtje om blij van te worden. 
Binnen in de winkel is het aangenaam toeven en ik besluit tot nog een rondje zodat ik opgewarmd de terugtocht kan aanvaarden.
Als ik buiten kom blijkt de regen gestopt, het scheelt haastig propwerk bij het inruimen van de boodschappen. Die handeling vraagt, in verband met de balans aan weerszijden van de bagagedrager, enige tactiek. Het zal mij niet gebeuren dat mijn fiets omvalt naar de kant, waar als gevolg van het extra rondje, een paar flessen wijn zitten. Afgezien van het feit dat het een lading vuiligheid geeft is het zonde van de drank.
Op mijn gemak klaar ik het klusje en breng, tevreden met mezelf, het wagentje terug. Terwijl ik de fiets van het slot draai hoor ik een merel helemaal uit zijn dak gaan. Ik word er acuut vrolijk van, speurend kijk ik omhoog of de flierefluiter zich laat zien. 
De kraai die op de dakrand zit te loeren naar een stuk verdwaald stokbrood zal dit geluid niet voortbrengen. Even snel als het opkwam, stopt het gezang. Naast me hoor ik iemand zijn telefoon beantwoorden. Het voorjaar is nog ver.

zondag, november 26, 2017

Zegeltjes terreur

Wegens verbouwing heeft Albert Heijn XL een aantal weken de deuren gesloten. De klanten kunnen in de wijde omgeving terecht bij andere filialen. Ter compensatie mag je daar om aparte zegeltjes vragen en bij heropening van het XL-filiaal krijg je bij een vol velletje, er passen 10 zegeltjes op, 10% korting op je boodschappen.
De eerste keer dat ik elders mijn boodschappen haal vraag ik om die zegeltjes. Het antwoord van de caissière: ‘Heeft u het zegelboekje bij u?’ Nee, dat heb ik niet, want dat staat nergens vermeld, daarbij lijkt me het je reinste flauwe kul, want die vellen liggen op stapel bij de servicebalie om mee te nemen. De volgende handeling die zij verricht neemt meer tijd in beslag dan mij van zegeltjes voorzien. Zij zet namelijk, inclusief haar handtekening, op de kassabon dat ik de volgende keer nog recht heb op twee zegeltjes.
Wel de bon meenemen natuurlijk.
Ik ben te verbouwereerd om mijn verbazing uit te spreken en stop de kassabon in mijn knip. Thuis bestudeer ik de actievoorwaarden en kom tot de ontdekking dat ik voor elke 10 euro die ik heb uitgegeven, 1 zegeltje cadeau krijg. Dat betekent op z’n minst 200 euro aan boodschappen kopen voor 10 euro korting. Wie zou daar nou beter van worden? 
Is het niet AH die op de kleintjes let? Doen ze slim.

zondag, oktober 29, 2017

Ongeleide projectieltjes

Bij voorkeur doe ik op zondag geen boodschappen. Principiële bezwaren liggen daaraan niet ten grondslag, maar ik heb door de week tijd genoeg om leeftocht te halen en ook nog op tijdstippen dat het niet druk is met zich haastende klanten die niet de doos van “Hello Fresh” of AH laten bezorgen. Maar vandaag kom ik er niet onderuit omdat ik gisteren, na sluitingstijd van de winkels, voor vanavond vrienden op de borrel heb gevraagd. 
Vroeg in de middag fiets ik naar Lidl om snel wat borrelhapjes te scoren. 
Het is er druk met ouders en grootouders, waarvan een deel in gezelschap is van kroost dat zich een miniwinkelwagentje heeft veroverd. Die stompzinnige uitvinding die de supermarkt tot een attractiepark voor kinderen maakt. 
Wild slalommend tussen de schappen nemen ze als ongeleide projectieltjes de winkelvloer in bezit. Niet één ouder die de oogappeltjes tot de orde roept wat betreft het racen en het ongemak dat ze veroorzaken. 
Alleen op de aanschaf van veel snoepgoed wordt met een negatief antwoord gereageerd, met gevolg dat het gedrens tot bij de kassa blijft aanhouden. Zoals de gewoonte is bij supermarkten ligt daar veel lekkers opgetast, zodat menig ouder bij de finish van de racebaan alsnog door de knieen gaat. 
Op een enkeling na dan, dat misdeelde kroost is ver in de wijde omtrek buiten nog te horen.
Boodschappen doen op zondag, liever niet als het niet nodig is.

vrijdag, april 07, 2017

Schoonmaak

Als ik mijn boodschappen heb ingeslagen sluit ik aan in de rij bij de kassa. 
Voor mij staat een man met aan zijn voeten een goed gevulde mand. 
Hij schuift een lading plastic flacons gevuld met bleekwater voor zich uit.
Tijdens het wachten op mijn beurt heeft mijn fantasie wat te doen. 
Wat moet je met een dergelijke hoeveelheid bleekwater? Mogelijk heeft deze man een fanatieke echtgenote die alles spic en span verzorgd wil hebben en aan milieubelasting geen boodschap heeft.
Ik hoor haar zeggen: ‘Willem de bleek is bijna op, ga jij even een voorraadje halen.’
Willem is waarschijnlijk geen liefhebber van winkelen en heeft meteen voor een heel jaar ingeslagen.
Vervolgens overweeg ik de mogelijkheid van een tuinman die bij zijn rijke baas het zwembad voor de zomer een onderhoudsbeurt moet geven. 
Of misschien een vrijwilliger bij een sportclub die de toiletten en doucheruimtes schoonhoudt.
Als hij aan de beurt is zet de klant één fles op de band. ‘15 stuks’ zegt hij. 
Terwijl de caissière de fles langs de scanner haalt, kijkt ze in de spiegel boven haar hoofd of het klopt.
Alsof de man de verbazing over zijn aankoop gevoeld heeft maakt hij een einde aan mijn giswerk. 
‘Mijn vrouw wil het terras schrobben, het zit onder de groene aanslag.’
Met een ferme ruk tilt hij het mandje op en beent de winkel uit. Blijkbaar zat ik met mijn eerste gedachte niet ver van de waarheid. 
Achter mij mompelt de volgende klant: ‘Hij kan na de schrobbeurt meteen de grond afgraven.'


Een ouwetje, enigszins opgepoetst.

donderdag, december 22, 2016

Maria en de kaarsjes

In de supermarkt, waar de luxe lekkernijen voor Kerst hoog opgetast liggen en André Hazes zijn eenzame Kerst over het winkelend publiek uitstort, scharrelt bij het vak met kaarsen een dame op leeftijd. Ze heeft kunstmatige blosjes op haar wangen, de knalrode lipstick op haar lippen is enigszins uitgelopen. Het grijze haar is met een ondoleertang in strakke golven gemodelleerd. Om haar heen hangt een aureool van onzekerheid.
Ik zoek in het schap naast de kaarsen naar servetten en zie, vanuit mijn ooghoek, dat de dame in kwestie mijn kant op komt. In een flits realiseer ik me dat dit tijd gaat kosten, maar in tegenstelling tot de mensheid om mij heen heb ik niet echt haast en besluit haar de aandacht te geven die ze blijkbaar nodig heeft. Mevrouw vraagt advies over het rijke assortiment dat de super in de aanbieding heeft. Kan ze beter Gouda Kaarsen nemen of de goedkopere soort van eigen merk. Wat is het verschil in branduren en zullen de kaarsen van eigen merk niet erg druipen? Ook wil ze graag weten hoe drijfkaarsjes werken en hoe lang die branden. De werking kan ik uitleggen, maar van het aantal branduren heb ik geen idee. Terwijl om ons heen met drukke bewegingen de karretjes worden gevuld, vormen wij een eiland van rust voor het non-foodvak.

Ze vertelt dat ze thuis een Mariabeeldje heeft en dat de kaarsen de komende weken naast het beeldje dienst moeten doen. Ze overweegt drijfkaarsjes te kopen omdat ze bang is voor brandgevaar.
Samen nemen we de hele voorraad door en ik lees de waarschuwingen op de verpakking voor.
Kaarsen niet te dicht bij elkaar zetten, niet op de tocht, niet in de buurt van gordijnen plaatsen enz.
In gedachten zie ik Maria met een devoot gezicht in een hemelsblauw gewaad omringd door flakkerende kaarsen op een ouderwetse schouw staan. Stel je voor dat deze bezorgde dame ’s avonds vergeet de kaarsen uit te blazen.
Ik vraag haar of ze niet beter lampjes op batterijen kan kopen. Het is wel zo veilig en ze gaan wat branduren betreft heel wat uren mee.

Alsof ik heiligschennis heb gepleegd kijkt ze mij met een van afschuw vertrokken gezicht aan. ‘Kunstlicht mevrouw? Dat kan niet hoor, Maria moet goed gestemd raken en dat krijg je met een kunstlichtje niet voor elkaar.’
Het is haar duidelijk dat ik van de stemmingen van Maria geen kaas heb gegeten, maar ze wil haar verhaal zo graag kwijt dat ze mijn onverstand voor lief neemt.  
‘Weet u, ik zit in de zorgen om een moeder die met haar kind in Duitsland woont. Ze willen zonder enige vorm van juridisch proces het jongetje bij zijn moeder vandaan halen. Het is toch schande dat ze in deze tijd van het jaar met het kerstfeest in aantocht, moeder en kind willen scheiden.’
Ik zeg dat het me onwaarschijnlijk lijkt dat bij een dergelijke handeling de rechtbank of jeugdzorg niets heeft te zeggen.
Die opmerking wordt me ook al niet in dank afgenomen. Ze doet haar uiterste best mij van het onrecht te overtuigen en ik moet begrijpen dat alleen Maria deze gerechtelijke dwaling met behulp van echte kaarsen kan voorkomen. Langzaam vullen haar ogen zich met tranen. Ik heb met het dametje te doen en onderdruk de neiging een arm om haar heen te slaan. In plaats daarvan wens ik haar sterkte en zeg dat ik hoop op een goede afloop. Dat ik twijfels heb over de kunsten van Maria laat ik wijselijk achterwege.
Terwijl ze haar ogen droog dept met een fijn geborduurd zakdoekje, recht ze haar rug, bedankt mij voor de hulp en begint een nieuwe speurtocht naar geschikte kaarsen.

Als ik thuis de boodschappen uitpak blijkt dat ik de servetten ben vergeten.

maandag, oktober 10, 2016

Oma's wil is wet

Bij Zeeman stapt een parmantige peuter richting de uitgang.
‘Oh ze gaat er nu al vandoor, dat wordt niets vandaag’, hoor ik de moeder van het juffertje zeggen.
Ze onderschept haar dochter die duidelijk de pet niet naar winkelen heeft staan.
‘Ze heeft maar even geduld, ik wil naar een maillot voor haar kijken.’ zegt een redelijk jong ogende oma.
Moeder dreigt haar dwarsliggertje met een verblijf in de buggy als ze zich niet weet te gedragen. ‘Ik wil naar een andere winkel.’ klinkt het uit het kindermondje.
‘We gaan straks naar een andere winkel om naar een jurkje te kijken, maar Oma wil hier voor jou een maillot kopen.’
De jongste van het trio is echter niet van zins haar oren naar de ouderen te laten hangen. Ze demonstreert de onwil nog eens extra door de pas er opnieuw in te zetten. Dwingend en op volle sterkte laat de jonge dame zich horen. ‘Ik wil naar een andere winkel.’
Moeder, inmiddels met een rood aangelopen gezicht, dreigt andermaal met de buggy, maar gaat niet tot handelen over.
Oma wel, ze verlaat de bak met maillots en maakt korte metten met het opgewonden standje. ‘Je hebt lang genoeg de tijd gekregen, jij gaat nu in de buggy zitten.’
Onder luid protest wordt kleindochter op haar zitplaats vastgegespt.
‘Ik wil niet ZITTUUUN.’
Terwijl Oma het voertuig naar de uitgang duwt hoor ik haar zeggen. 
‘Jouw wil staat nu even achter de deur.’
De middelste generatie volgt gedwee.

zaterdag, april 30, 2016

Bonnetje mee?

Bij de Hema zie ik een man binnenkomen met een plastic tas in zijn hand.
Alle toeters en bellen in het controlepoortje gaan af.
Twee verkoopsters in rood poloshirt staan in een oogwenk naast hem.
‘Mag ik even in uw tas kijken?’

‘Dat mag, maar ik kom net binnen. Ik heb nog niets gekocht.’

‘Misschien zit er iets in waar ons alarm op reageert.’
De tas wordt aan een onderzoek onderworpen en de dame diept een pakje op dat blijkbaar in een andere winkel is aangeschaft.
De Hemamedewerkster vraagt of de klant een bonnetje kan overleggen van de aankoop.
De man zegt dat hij het pakje ergens anders in het winkelcentrum heeft gekocht en dat hij geen bonnetje heeft.
De medewerkster, die de controle heeft uitgevoerd, beent naar haar kantoor om een telefoontje te plegen terwijl haar collega bij de klant op post blijft, die nog maar eens herhaalt dat hij binnenkwam en niet bezig was de winkel te verlaten.
Ondertussen heb ik afgerekend en op weg naar de uitgang kan ik niet laten de man te hulp te schieten door te zeggen dat ik hem heb zien binnenkomen.
‘Dat kan zo zijn.’ zegt de waakzame Hemadame. ‘Maar er zit wel iets in de tas waar meneer geen bonnetje van heeft en dat zoeken we nu uit.’

Tot mijn verbazing wordt de man niet boos. Hij haalt zijn schouders op en wacht gelaten de uitslag van het telefoontje af. Gezien zijn houding vermoed ik dat er niets aan de hand is en dat hij gewoon domme pech heeft.
Met een gevoel van twijfel verlaat ik het Hemafiliaal. Stel dat de man bij de naastgelegen Blokker wel iets heeft gepikt. Waarom ging daar dan het alarm niet af. Of stel dat hij heeft gezegd dat hij het bonnetje niet wilde omdat hij toch niet van plan was zijn aankoop te ruilen. In het laatste geval is het te hopen dat ze zich dat bij Blokker kunnen herinneren.
Ik vraag me ook af of de dames van de Hema niet in de fout gingen met hun actie, gezien het feit dat de bewuste aankoop niet uit hun winkel kwam. Eenmaal thuis dringt tot me door dat het mij had kunnen overkomen want ik heb een aankoop van Action in mijn tas waarvan ik het bedrag niet de moeite vond om de bon aan te pakken.
Een ding weet ik zeker, voortaan zeg ik altijd ja op de vraag: ‘Bonnetje mee?’
Voor je het weet word je aangezien voor een winkeldief.

vrijdag, februari 26, 2016

Beter Horen bij Schoonenberg

‘Dag mevrouw, wat kan ik voor u doen?’
‘Ik heb begrepen dat het vandaag een gehoortestdag is, daar wil ik graag gebruik van maken.’
‘Bent u bij ons bekend?’
‘Nee.’
‘Neemt u daar maar even plaats.’ De medewerkster wijst naar een tafel met wat stoelen er omheen. Het is opvallend rustig in de winkel. In het kamertje tegenover de wachtruimte wordt een man geholpen met het aanmeten van een gehoortoestel. Hij en ik zijn de enige klanten.
Om de tijd te doden pak ik een tijdschrift en lees dat Silvie Meis wel hele dure schoenen heeft gekocht. Patty Brard is op kraambezoek geweest bij Yolanthe, het zal je toch gebeuren.
Terwijl ik wat door het roddelblad blader, melden zich nieuwe klanten.
Een bejaarde dame met haar zoon. Ze worden vriendelijk begroet en de zoon vraagt of ze bij Schoonenberg zijn binnengestapt. Dat blijkt inderdaad het geval te zijn en hij vertelt dat het gehoorapparaat van zijn moeder niet werkt. Ik hoor de medewerkster vragen.

‘Hoe is uw naam mevrouw?’ Er volgt geen antwoord. ‘Hallo, mevrouw hoe is uw naam?’
Ik kijk op van Maxima, die heimwee schijnt te hebben.
Blijkt de dame in kwestie het tegen mij te hebben en niet tegen de mevrouw voor haar balie.

Op volle sterkte …
‘Hoe zijn uw voorletters?’
..
‘Hoe is uw achternaam?’
..
‘Wat is uw postcode?’
..
‘Uw telefoonnummer?’

‘Wilt u nog meer van me weten?’ vraag ik licht geïrriteerd.
En denk, had dat gevraagd terwijl er geen klanten aan je balie stonden. Van schrik heeft ze waarschijnlijk niet meer naar mijn e-mailadres durven vragen.
Maar goed, mijn doopceel is gelicht en de medewerkster richt zich opnieuw tot de mensen voor haar balie.
Ze bestudeert het defecte apparaat en dan blijken deze mensen toch in de verkeerde winkel te staan want het gehoorapparaat van moeder is bij een andere audicien gekocht en het is geen kwestie van even een leeg batterijtje vervangen.
Moeder en zoon keren op hun schreden terug.

Ik mag de Schoonenbergdame volgen naar een aparte ruimte.

‘Hoe was uw naam ook weer?’
..
Ze controleert mijn gegevens die ze net daarvoor heeft ingevoerd in haar computer op de balie.
Daarna neemt ze met mij de klachten door, kijkt in mij gehoorgangen of daar geen storende obstakels zijn te vinden en verwijst me naar een cabine waar ze me uitlegt hoe de test in zijn werk gaat. Die test zelf is zo gepiept …
Het grafiekje toont inderdaad op alle tonen een neergaande lijn en tot mijn verbazing is dat aan beide oren gelijk, terwijl ik denk dat vooral mijn linker oor het laat afweten. Het goede nieuws is dat de afwijking net binnen de grens van vergoeding valt. ‘Maar het hangt er maar vanaf hoeveel last u ervaart.’
Ik denk aan de toon van haar stem te horen dat ik de aanschaf van een hulpmiddel nog wel een jaartje kan uitstellen. Of is hier de wens de vader van de gedachte?
‘Het kan wel, maar beter zal het heus niet worden.’
‘Dat is een eigenschap van alle ouderdomskwalen.’ zeg ik. ‘Voorlopig zie ik het nog even aan.’

‘Sorry, mevrouw van al mijn vragen zonet, maar ik moet de gegevens toch echt weten en privacy zegt tegenwoordig niets meer. Als je iets op internet koopt weten ze ook alles van je.’

Held die ik ben, vraag niet waarom ze mij de vragen niet heeft gesteld in die aparte kamer.
Ik weet ook wel dat het allemaal geen geheimen zijn die ze van me wilde weten, maar het gemak waarmee er wordt omgesprongen stoort me.

Volgende week naar de opticien voor een nieuwe bril.

vrijdag, januari 22, 2016

Verkeerde kleren

Helemaal blij kom ik thuis met een diepblauwe spijkerbroek. Voor de helft van de oorspronkelijk prijs, die ik er nooit voor zou hebben betaald.
De verkoopster waarschuwt me dat ik er goed aandoe de broek voor het dragen een keertje te wassen, want de kans bestaat dat hij ietsje afgeeft. Als dat euvel zo simpel te verhelpen is, staat niets mij in de weg dit kledingstuk te kopen.
Gezien mijn lengte moet bij elke broek het naaigerei op tafel komen om de pijpen in te korten. Als mijn nieuwe aanwinst op de goede lengte is gemaakt, zien mijn vingertoppen blauw en hebben de nagels rouwranden van dezelfde kleur. Dat is wel heel veel blauw.
Nu pas valt mijn oog op een lang etiket aan de binnenkant van de boord. Het blijkt een uitgebreide waarschuwing over afgifte van kleur op kleding en tot slot lees ik dat ik maar beter niet op een bank of stoel met lichte bekleding  kan gaan zitten want ik zal waarschijnlijk blauwe sporen achterlaten.
Met de pest in kom ik tot het besef dat de broek enkel in combinatie met donkere kleuren te dragen is en dan moet ik ook nog eens opletten waar ik ga zitten. Pronken met een dure merkbroek voor de helft van de prijs … had je gedacht, dit is de straf. Je zal toch de volle poet betalen, dan voel je je helemaal bekocht. Voortaan ga ik in de paskamer al op zoek naar etiketten met een boodschap.
Voordat jullie adviezen over me uitstorten, de broek heeft inmiddels anderhalve dag in azijnwater gestaan. Internet zegt dat azijn de verf aan de stof doet hechten. De stank van azijn doet dat zeker. Na een korte wasbeurt hang ik de broek aan de lijn.
Zie ik daar nu rouwrandjes aan mijn nagels?

zaterdag, januari 09, 2016

Er klopt iets niet

Vanmiddag ga ik naar Kruidvat voor een paar leuke aanbiedingen.
Bij de kassa staat dit keer eens geen lange rij want er zijn twee kassa’s in bedrijf.
Toch vlot het niet erg. Drie vrouwen staan hopeloos in de weg, ze gebaren op uiterst vriendelijke wijze dat zij al betaald hebben, maar nog een vraag hebben en laten klanten voorgaan. Er duikt tussen mij en de vrouwen een schattig ventje op dat door zijn vader, die op dat moment de winkel komt inlopen, wordt geroepen. 
Ik ben aan de beurt en wurm mij langs de drie vrouwen. Meestal pin ik, maar de valuta in mijn knip is toereikend en ik betaal dus cash. Pas als ik op weg ben naar huis bekruipt me het gevoel dat er iets niet klopt in de situatie. Als ik later verslag doe aan meneer F. lijkt het hele gebeuren steeds vreemder.
Terwijl ik dit intik vraag ik mij af of ik een achterdochtig brein heb of zijn bij Kruidvat de nodige pincodes afgekeken en deed pa met zoontje op straat de rest.
Volgende week op dat winkelplein ogen en oren maar eens goed openhouden en de hand op de knip.

vrijdag, september 25, 2015

Scapino

Bij Scapino denk ik in eerste instantie aan het dansgezelschap uit Rotterdam dat ons menig aangename avond heeft bezorgd.
In tweede instantie denk ik aan schoenen en daar gaat dit verhaal over.
Mijn zwarte stevige stappers van zacht leer met brede neuzen zijn behoorlijk uitgewoond en aan vervanging toe. Het rode stel van hetzelfde soort kan nog wel even mee, maar past niet bij elke outfit. Het blauwe paar heb ik onlangs al weg moeten gooien.
Tijd dus voor een rondje schoenenwinkels. Ik weet uit ervaring wat me dat gaat opleveren. Weinig schoen en veel sacherijn. Ik hoor jullie zeggen, ga dan meteen naar de winkel waar je die vorige hebt gekocht, maar ik wil wel eens een ander model. Je blijft vrouw, nietwaar?
Het bezoek aan de podoloog maakt het zoekwerk ook al niet eenvoudiger.
Nog weer een beetje meer hakverhoging links en aan de rechter voet prijkt nu een spreidspalkje om de grote teen.
Er volgt een speurtocht langs alle dure schoenenwinkels met de prachtigste merkschoenen, maar geen van alle op de goede leest geschoeid voor mijn hulpbehoevende onderdanen.
Met zwaar de pest in fiets ik naar huis. Onderweg valt mijn oog op het uithangteken van Scapino. Het lijkt me toe te roepen; ‘Kom hier je laatste kans wagen, als het niet lukt, kun je altijd nog naar de speciaalzaak.’
Voor ik er erg in heb loop ik tussen de schappen naar schoenmaat 39 te zoeken. Krijg nou wat, deze winkel heeft een schoenenlijn die is ontwikkeld met behulp van het Diabetesfonds.
Je hoeft geen diabeet te zijn om in deze soepele schoenen te stappen. Ze passen perfect.
Ik koop meteen twee paar. Bij de kassa krijg ik de vraag of ik oude schoenen heb om in te leveren want dan gaat er nog een tientje korting af. Het gaat me te ver om mijn oude schoenen uit te trekken en voor de kassa de nieuwe aan mijn voeten te schuiven.
Vandaag heb ik mijn afgetrapte schoenen ingeleverd en een derde paar op reserve gekocht. Eindelijk weer schoenen die lopen als een zonnetje. Zo blij mee.
Ik dans er nog net niet op weg.

foto's internet

woensdag, september 02, 2015

Supercoop

In de supermarkt in D. loopt een reusachtige man. Alles aan hem is groot.
Het boodschappenmandje krijgt in zijn handen het formaat van een damestasje.
Zijn stemgeluid draagt meters ver. Terwijl hij halverwege de winkel bij de groente staat, is achterin bij de vleesafdeling te horen dat de man in zijn eentje de hele winkel opvult.
Als ik de groenteafdeling nader wordt me duidelijk dat zijn denkraam niet is meegegroeid.
Luid mompelend bestudeert de reus zijn boodschappenbriefje, een afgescheurd puntje van een envelop. Hij schudt zijn hoofd en leest opnieuw de proza in zijn kolossale handen.
Als hij mij in het vizier krijgt duwt hij mij het briefje onder de neus.

’MEVROUW, KUNT U LEZEN WELK WOORD HIER STAAT?
IK DOE BOODSCHAPPEN VOOR MIJN MOEDER, ZE SCHRIJFT IN SCHUINSCHRIFT, DAT HEB IK OP SCHOOL NIET GELEERD.

Ik lees om zijn wijsvinger heen de hele zin voor. ‘Twee stronkjes witlof niet te dik.

‘DAN HEB IK HET GOED GEDAAN, BIJ HAAR IS HET ALTIJD NIET TE GROOT, NIET TE DIK OF NIET TE DUN.’

Met mijn hoofd in mijn nek kijk ik in een paar vriendelijke blauwe ogen. Naast de gigant voel ik me een kabouter van de kleinste soort. Hoewel mijn gehoororgaan niet meer optimaal werkt komen zijn enthousiaste dankwoorden keihard binnen.
Na dit oponthoud vervolg ik mijn zoektocht door de winkel. Tijdens de vakantie in een vreemde supermarkt is het altijd weer een tocht met hindernissen.
Wanneer ik eindelijk voor de kassa sta gaat achter mij een oorverdovend kabaal op.
‘KLOTELEVERANCIERS’ Bij de vrieskist neemt de reus met zijn mobieltje een foto van het schuifdeksel. Niemand kijkt er vreemd van op. In dit dorp kent, buiten de toeristen, iedereen elkaar. De klant voor mij zegt. ‘Hij is razend want zijn vinger zat klem.’
Ik vermoed dat het kleine pakje soepgroente dat ook op het briefje staat de oorzaak is van deze uitbarsting.

De caissière grijnst en haalt haar schouders op, ze kent haar klant.
Het zal niet de eerste keer zijn dat zij de reusachtige frustratie moet incasseren.

maandag, augustus 17, 2015

Gestraft door de woede

Bij de Aldi winkelt een moeder met haar puberzoon.
Hij ziet veel lekkere zaken die hij graag wil aanschaffen. Zijn moeder weert alle suggesties af. De knul wordt boos en laat op niet mis te verstane wijze en op volle sterkte zijn ongenoegen blijken.

‘Als Pap nou eens gewoon op de fiets naar zijn werk gaat en niet zoveel geld uitgeeft aan dat dure hondenvoer, dan konden wij eens normaal eten.’

Zijn moeder is duidelijk niet blij met deze uitval. ‘Je denkt ze een plezier te doen door ze een keer mee te nemen, krijg je dit op de je bord.’ zegt ze met het schaamrood op de kaken tegen een medeklant.
Haar kind duwt, met een woedende blik in zijn ogen, het winkelwagentje richting kassa.