Het is druk in de
telefoonwinkel van T-Mobile.
Twee medewerkers hebben hun
handen vol aan klandizie met uiteenlopende en tijdrovende vragen. Eentje is
bezig met de verkoop van een toestel en dat is niet in een paar minuten
geregeld. De ander verricht de laatste administratieve handelingen in verband
met een nieuwe deal die is gesloten. Ook dat vraagt nogal wat tijd.
Wetend dat ik enkel voor twee
batterijtjes kom sluit ik met een lichte zucht aan in de rij, gezien de
situatie rond mijn schoonzus is het van belang dat ook haar huistelefoon goed
werkt. Ik mis de jongste bediende die met het verzorgen van eenvoudige zaken de
rij aanzienlijk korter kan maken.
Om mijn rug te ontlasten zoek ik een steuntje
tegen een plank waarop diverse telefoontoestellen staan uitgestald.
Ik sta nu met mijn gezicht
naar de winkel en geef ogen en oren de kost.
De rij wordt aanzienlijk
ingekort als blijkt dat de volgende klant bestaat uit een gezin van drie
personen dat naar de collega wordt gedirigeerd die bijna klaar is met haar
transactie.
Voor de toonbank staat nu een
echtpaar met internetproblemen. Onlangs is een nieuw toestel aangeschaft, maar
toegang tot internet is niet te realiseren en nee het toestel is niet in deze
winkel gekocht. Toch verleent de medewerker alle service en bekijkt aandachtig
het mobieltje. De klant blijkt een abonnement bij KPN te hebben en na wat
gemanipuleer op de computer komt de T-mobiler tot de ontdekking waar het
mankement zit.
‘U heeft geen abonnement voor internet.' Vanaf de rug van de klant
druipt de verbazing de winkel in. ‘Hoe kan dat nou, ik heb toch een
abonnement.’
‘Jawel, maar niet voor
internet. Ik kan dat voor u veranderen, maar dat kost dan wel 15 euro per maand
in plaats van 8.50 euro.’ Over dat bedrag wil het echtpaar nog eens nadenken,
twee teleurgestelde mensen verlaten de winkel. Je vraagt je af in welke
telefoonwinkel ze hun telefoon hebben gekocht en hoe daar de voorlichting is
geweest.
Ondertussen sluit een jonge
vrouw zich bij de rij aan. Haar blonde haar fier opgestoken, de wijdvallende jas en de hooggehakte laarzen staan haar goed. Uit haar jaszak diept ze een iPhone op en zonder enige vorm van schaamte begint ze hoorbaar voor iedereen een gesprek met
haar vader.
‘Dag Pap, hoe is het met je,
heb je er over nagedacht?’
…
‘Pap, dat vraag ik niet, ik
vraag hoe het met je gaat.’
…
‘Pap, dat doe je nou altijd,
ontwijken, geef eens antwoord.’
…
‘Wat kan mij Diederik
schelen, het gaat nu niet om hem.’
…
‘Stoppen, Pap, gaat het je
lukken voor 1 februari of niet, je hebt de hele maand januari om na te denken.’
…
‘Ik heb hier schoon genoeg
van, Pap, jij denkt hiermee weg te komen door vragen niet te beantwoorden, daar
schieten we niks mee op. Je moet een knoop doorhakken.’
…
‘Voor vandaag ben ik er weer
klaar mee.’
Met een driftig gebaar klapt
ze haar telefoontje dicht en kijkt nijdig naar de toonbank, waar de medewerker
een minder gevoelig communicatieprobleem oplost.
Als ik aan de beurt ben zie
ik nog net dat zich een jonge man bij de boze dochter voegt. Terwijl ik de
winkel met een vers opgeladen telefoon verlaat, doet zij mondeling verslag van
het telefoongesprek met haar vader.
Ik heb medelijden met de man
die blijkbaar over een moeilijk vraagstuk een beslissing moet nemen, waarbij zijn
dochter niet bepaald scheutig is met ruimhartig tonen van begrip. Er is een nadeel
aan meeluisteren van dergelijke gesprekken, je hoort maar één kant van het verhaal. Wie weet hoe de vader met zijn
besluiteloosheid zijn kinderen tot wanhoop drijft.
De dochter stak haar
ongenoegen in elk geval niet onder stoelen of banken.
Hopelijk komen die twee in
een goed gesprek onder vier ogen weer een beetje tot elkaar.
Onderweg naar het huis van
mijn schoonzus houden mij twee vragen bezig.
Waar moest die vader een
besluit over nemen.
En welk communicatieprobleem
had de dochter, behalve schaamteloosheid, onbegrip en een halsstarrige vader, nog meer?
Eenmaal thuis schud ik
andermans problemen van mij af en concentreer me op de telecommunicatie van
schoonzus. Ik zet de laders van de huistelefoon op een hogere praktische plek
en zo is, samen met haar mobieltje en de tablet, contact met de buitenwereld
gewaarborgd.