Eet vis als het er is
Mijn mens draait wisselende diensten. Dat wil zeggen dat ze regelmatig late dienst heeft. Ze is dan een deel van de middag en de hele avond van huis. Dat zijn niet de gezelligste dagen. Ik vind het leuker als ze ’s avonds thuis is. Zodat ze met mij op schoot op de bank voor de buis hangt of met een goed boek haar avond vult. Knutselen aan tafel mag van mij ook, ik mag me daar graag mee bemoeien. Ik snuffel aan de papiersnippers en met een snelle haal van een voorpoot maai ik de boel van tafel. Niks zo leuk als dwarrelende snippers na springen. Als ze zit te schrijven probeer ik altijd aan de pen te tikken. Vindt ze niet leuk, want ze schiet dan wel eens uit, met een krasje van de pen als gevolg.
Maar tijdens de late dienst rest mij geen andere bezigheid dan in de vensterbank de wacht te houden. Ik spring er pas af als ik haar autootje in de straat hoor en ren met een noodgang de trappen af. Als zij de deur opendoet zit ik op de onderste traptree.
Na het douchen maakt ze haar afwezigheid ruimschoots goed. Vaak neemt ze een drankje en met mij op schoot volgt er dan nog een uurtje gezellig samenzijn. Dat ze daarbij TV kijkt vind ik niet erg, zolang ze mij maar over mijn kop aait. Zodra ze daarmee stopt zet ik mij nagels in haar bovenbeen, dat helpt enorm.
Op een avond komt ze thuis met een verpakking zalmfilet. ‘Kijk, gekregen van een kok die op mijn afdeling opgenomen is. Hij adviseert er een glaasje droge witte wijn bij te drinken, maar ik heb nu meer zin in Berenburg, dus die zalm bewaar ik voor later.’
Fijne baas, mij zo’n lekkernij onder de neus houden en er dan niet van mogen eten. Nu moet ik genoegen nemen met een laat bakje Tom Poes.
Na een uurtje komt er een eind aan de gezelligheid. Ferrara heeft de volgende dag vroege dienst, dat betekent op tijd uit de veren. Ik mag niet mee naar de slaapkamer. Met de rest van het huis tot mijn beschikking hoor je mij daarover niet klagen. En vannacht al helemaal niet.
Tegen de ochtend ontdek ik dat de zalm op het aanrecht is blijven liggen.
Hoe dom kun je zijn, met een kat als huisdier. Ik weet natuurlijk donders goed dat dit spekje niet in zijn geheel voor mijn bekje is maar ik kan de verleiding niet weerstaan, zet mijn tanden in de verpakking en heb al snel de bek vol luxe vis. Er is geen redden meer aan en ik neem de tijd om de lekkernij naar binnen te werken. Volgevreten val ik op de bank in slaap.
Als mijn mens opstaat en nog voor haar ontbijt zalmlucht krijgt te verwerken zijn de rapen gaar. Terwijl ze de lege verpakking van de keukenvloer vist, weet ze dat het cadeautje van de kok in de verkeerde maag is beland.
Ik hou me slapend en doe net of ik de tirade, die voor een groot deel voor haar eigen oren bestemd is, niet hoor.
Dan had ze mij maar niet op het spek moeten binden.
Dan had ze mij maar niet op het spek moeten binden.
Mijn mens kennende zal ze de kok niet vertellen dat het huis naar vis stinkt en de kat nog uren voor pampus op de bank ligt.
Ze gaat, geheel naar waarheid, zeggen dat het een heerlijke traktatie was.
Ik vind in de loop van die dag enkel mijn waterbakje gevuld.

foto ferrara



















