Herinnert u
zich nog de vakanties in het buitenland waarin je, ter geruststelling van het
thuisfront, muntjes spaarde voor de plaatselijke telefooncel.
Persoonlijk
vond ik het altijd een heel gedoe om mijn moeder te laten weten dat alles naar
wens verliep. Zij had enorm de neiging om mij meteen alle wel en wee van haar
dorp te vertellen en voor die berichtgeving had ik meestal niet voldoende
muntgeld in voorraad.
Ik begon dan
ook met te zeggen dat we het gesprek kort moesten houden, maar dat kostte haar
de nodige moeite, gewend als ze was onder normale omstandigheden eindeloos met
mij aan de kletsdraad te hangen.
Van mobiele
telefoons hadden we toen nog helemaal geen weet. Je luisterde dagelijks via de Wereldomroep
naar de oproepen van de ANWB-centrale en als dat niet lukte kocht je af en toe De
Telegraaf om te zien of je dringend naar huis moest reizen.
De komst van
de telefoonkaarten was een sprong voorwaarts, dat scheelde een hoop gedoe om
aan kleingeld te komen.
Tegenwoordig
is bereikbaarheid een stuk eenvoudiger en heeft zo zijn voordelen als er ziek
en zeer dreigt en je maar beter huiswaarts kunt keren.
Wij hebben
daarover afspraken met het thuisfront. Er wordt alleen gebeld of een sms
gestuurd als het strikt noodzakelijk is. Het laatste is voor velen alweer een
antieke handeling.
Onze
kinderen vinden het maar kneuterig dat we niet aan het whatsapp-infuus hangen.
Meneer F. en ik kunnen heel goed zonder. Je zult ons niet bij de WIFI-hotspot
vinden om te skypen of te bellen. Wij zitten daar om buienradar te raadplegen
en de krant te downloaden. Tegenwoordig hoor je van alle kanten privé-informatie
op je afkomen die je helemaal niet wilt weten. De kakofonie aan geluid op die
plek doet mij nog wel eens verlangen naar de rij voor de telefooncel op een
dorpsplein. Daar stond je reiservaringen uit te wisselen tot je aan de beurt
was. Binnen de cel had je nog enige privacy. Buiten kregen ze alleen jouw helft
van het gesprek mee.
Natuurlijk
wil ik niet terug naar het sparen van muntgeld of de aanschaf van een
telefoonkaart en natuurlijk wil ik niet terug naar de cel op het dorpsplein, maar
een beetje bescheidenheid bij de WIFI-hotspot zou sommige vakantiegangers
sieren.
Vorig jaar
schreef ik een blog over de WIFI-hotspot
Het zou een kwestie van fatsoen moeten zijn. Tja ....
BeantwoordenVerwijderenNou ik ben nog uit de tijd van de rooksignalen en seinvlaggen.Wij bellen zelden naar het thuisfront,we sturen heel ouderwets kaarten uit de verschillende plaatsen.Maar we hebben ook internet zo af en toe,al is het meer af als toe.
BeantwoordenVerwijderenSoms is het gewoon te erg..
BeantwoordenVerwijderenIk heb wel een smartphone, vind Whatsapp super handig, heb er Facebook en Mail op en nog wat apps. Maar het zal zeker niet mijn leven gaan beheersen, laten we zo zeggen, ik leef er niet mee. Ik stuur ook nog vaak gewoon kaarten per post, krijg ze ook en dat is leuk.
Maar dat bellen in een cel, nee, dat hoeft voor mij ook niet meer hoor!
Of dat de enige telefooncel in het postkantoor was, waar je dan een halve middag op verbinding zat te wachten. We worden oud!
BeantwoordenVerwijderenTja alles veranderd zo snel pffft
BeantwoordenVerwijderengroetjes van Novelle
Inderdaad, zo is het. Dat is "vooruitgang" hé. Ook wij kunnen daar niet aan ontsnappen.
BeantwoordenVerwijderenBellen met thuisfront (lees: mijn moeder) doe ik vanop vakantie slechts 1 tot max. 2 x. haha.. ze kan anders ook niet stoppen met vertellen....