Speelgoed in de aanloop naar Sinterklaas.
klik voor het blog op de deurklink rechts op de pagina
In verband met modereren kan het zijn dat het even duurt voor je reactie zichtbaar is.
maandag, december 01, 2014
zondag, november 30, 2014
Kriebelen
Mijn woord voor de WE-300 voor november is kriebelen.
Schrijf in 300 woorden een verhaal over kriebelen zonder het woord te noemen.
Schrijf in 300 woorden een verhaal over kriebelen zonder het woord te noemen.
Het Schrijvertje
Plato denkt dat ik daar, samen met mijn twee zandvlooien
Miet en Griet, wel iets van weet te bakken. Maar wat Plato zich niet realiseert
is dat die dames in een winterresidentie op Texel zitten. Ik ga ze daar niet storen in hun welverdiende rust.
Nee, beter kan ik vertellen van het schrijvertje dat onder
mijn schedeldak huist en mij geen dag met rust laat. Ze krabbelt voortdurend
aan mijn hersencellen, ze drenst in mijn oren,
zij prikkelt mijn ogen. Op elke locatie waar ik me bevind
peutert ze aan de schrijfader.
In de supermarkt, bij de kassa, kijk ik rond of er niets voorvalt
waar ik mijn lust tot schrijven op kan
loslaten.
Zit ik in de trein, word ik door schrijvertje geprikkeld een gesprek af te luisteren. Snel krabbel ik wat trefwoorden in mijn notitieboekje zodat ik er thuis een verhaaltje van kan friemelen.
Zit ik in de trein, word ik door schrijvertje geprikkeld een gesprek af te luisteren. Snel krabbel ik wat trefwoorden in mijn notitieboekje zodat ik er thuis een verhaaltje van kan friemelen.
Vandaag schuift ze onder mijn huid en bezorgt me enorme
jeuk. Ik kan er niet tegen krabben. Er verschijnt een bobbel op mijn hoofd. Het
schrijvertje treitert: ‘Dat is je schrijfknobbel, krab hem open en laat de
woorden stromen, ga die uitdaging over dat ene woord aan, laat je niet kennen,
bedenk iets’.
Zo kritselt en kratselt ze rond in mijn hoofd, ze schuurt en
schaaft aan de zinnen die ik van haar moet opschrijven. Als ik protesteer en
een excuus zoek om haar niet van dienst te zijn, jammert ze meelijkwekkend en
smeekt om mijn aandacht: ‘Dat strijkgoed ligt er morgen ook nog.’ Ze bespeelt me net zo lang dat ik toch weer achter de pc ga
zitten en één en ander uitwerk van wat zij mij influistert. Ze goochelt met
punten, komma’s en uitroeptekens, ze roept me toe: ‘schrijven is schrappen,
kill your darlings’.
Volgende maand, graag een nieuwe WE-300.
zaterdag, november 29, 2014
dinsdag, november 25, 2014
zondag, november 23, 2014
Miet en Griet 23
Griet neemt de leiding
In de zandkuil van Miet en Griet hangt een sombere sfeer.
Het droevige bericht dat Twan heeft overgebracht is de zusters niet in de kouwe
kleren gaan zitten. Miet is aan het eind van haar emotionele krachten en ligt de
meeste tijd in bed onder haar ingelijste racepakje.
Natuurlijk is het verdrietig dat het vlooiencircus samen met
zijn artiesten zo triest aan zijn einde is gekomen, maar diep in haar hart is
Griet er niet rouwig om dat voor haar zuster de weg naar een leven als
motordiva is afgesloten. Griet kijkt wel uit dat ze zich daarover uitlaat.
Voorlopig heeft Miet tijd nodig om te treuren om Luigi en haar carrière die niet
van de grond is gekomen.
Griet doet haar best het Miet zo goed mogelijk naar de zin
te maken. Ze reddert de hele dag, kookt, maakt thee en houdt het zandkuiltje op
orde. Kortom de rollen lijken omgedraaid. Terwijl Miet haar middagdutje doet
neemt Griet met Twan de afgelopen avontuurlijke zomer door. Ze begint haar
relaas met de reis op het houtvlot om de soep van Sjef Kokkel in IJmuiden te
krijgen. Daarna volgt, op het cruiseschip, het casinoavontuur dat ze amper
overleven. De vriendschap die ze met Twan sluiten en de uitjes die hij ze heeft
bezorgd. ‘Het bezoek aan de kaasmarkt zal ik nooit vergeten’, zegt Griet. ‘En
dat jouw Tante Wanda de moeite heeft genomen om ons te vertellen dat je zwaar
gewond in de vogelopvang lag, heb ik erg gewaardeerd.’
Griet vervolgt haar opsomming met de louche praktijken in
het kasje van Sjef en de bedreiging waar Miet getuige van is geweest. Maar het
ergst van alles vindt ze de overheersende wens van Miet om naar de Zwarte Cross
te gaan.
‘In wezen plukken we daar nog de zure druiven van. Als we
niet in de caravan van Josje en Wim waren gestapt hadden we de zomer minder
turbulent afgesloten.’
‘Als de hemel valt, valt er voor meeuwen niet meer te
vliegen. Het heeft geen zin er op deze manier tegenaan te kijken. Het is
gebeurd en jullie moeten zien daarmee in het reine te komen. Ga mee naar Texel
om rustig te overwinteren, daar kun je ook aan de voet van een vuurtoren
wonen.’
Griet veert op. ’Daar zeg je wat Twan, in het reine komen. Daar
moeten we keihard aan werken de komende weken zodat we in 2015 een frisse start
kunnen maken. Misschien wel goed om dat in een andere omgeving te doen. Ik heb
het hier in Egmond wel even gehad.
Rust, reinheid en regelmaat, daar draait het deze winter om.
Texel here we come,’
Twan gelooft zijn oren niet. Griet die de hakken niet in het
zand zet, maar onverschrokken de leiding neemt, dat is de afgelopen maanden niet
vertoond. Miet moet er wel beroerd aan toe zijn. Alsof Griet zijn gedachten heeft geraden zegt
ze. ’Miet heeft niets te willen, dit keer neem ik de belangrijke besluiten.
Laat me weten wanneer je wilt afreizen, ik zal zorgen dat we klaar zijn voor
vertrek.’
Vanmorgen is het trio afgevlogen naar Den Helder, waar Twan
op de reling van de veerboot is neergestreken, dat scheelt vlieguren en kost
minder energie.
Ze hebben er geen weet van, maar vanaf de kade zwaai ik ze
uit. Voorlopig laat ik de dames tot rust komen. Ze hebben het verdiend.
Ik neem even M&G pauze, best lastig om telkens een nieuw avontuur te bedenken.
donderdag, november 20, 2014
Dag Huis
Dag huis aan het kanaal waar ik geboren ben, je staat er nog
steeds. Qua omvang aan de buitenkant zie je er nog hetzelfde uit met dat
puntdakje, een klein raam aan de voorkant en de deur opzij. Binnen zal je zijn
aangepast aan de eisen des tijds.
Ik heb vage herinneringen aan je of zijn het de verhalen die
ik over je heb gehoord?
Dag huis in de nieuwe straat waar ik mijn prille jeugd
doorbracht. Jij werd gebouwd tijdens de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog.
De straat bestond uit blokken met zeven woningen op een rij. Jij was nummer 7
en de laatste in de rij van het blok aan het begin van de straat.
De kamer was ingericht met moderne rotan stoeltjes en een
ronde eettafel met vier stoelen in windsor stijl. De stoelen hadden een opengewerkt
motief tussen de spijlen van de rugleuning, ze bleken oersterk. Je had een,
voor die tijd, luxe granieten lavet met alleen koud stromend water. ’s Winters
stond op vrijdagavond de zinken teil voor de wekelijkse badbeurt in de kamer
voor de zwarte kachel.
Ik zat op jouw trap te huilen toen ik er één dag lagere
school had opzitten.
Mijn moeder dacht dat ik weer eens protesteerde tegen het
feit dat ik eerder naar bed moest dan mijn vier jaar oudere broer. Dit keer was
er iets anders. Ik was bang dat ik niet zou overgaan, zo zwaar was me die
eerste dag gevallen.
Je kunt niet meer vertellen over het bed waarin ik, geveld
door geelzucht, als een prinses op de erwt voor het grote raam in de kamer lag.
Ik sleet mijn dagen met een stapel Donald Ducks, Gouden Boekjes en mijn poppen.
De kinderen uit de buurt kwamen voor het raam gedag zeggen. Ik genoot van alle
aandacht.
Je bent verdwenen, jij en je soortgenoten voldeden niet
meer. Je hele straat werd afgebroken en nu staan er weer nieuwe huizen op een
rij, allemaal van alle gemakken voorzien.
Dag alleenstaand huis met je erker en het balkonnetje
daarboven. Je grote zolderkamer waar ik visnetten ophing en als het koud was
met sokken aan en kruik naar bed ging.
Je was eigendom van mijn oom en wij mochten er tegen een
lage huurprijs in wonen. Dat was aardig van hem want mijn moeder moest van een
klein loontje haar twee kinderen zien groot te brengen. In jou beleefde ik mijn
puberteit.
De rotanstoeltjes stonden in jouw voorkamer waar we weinig
kwamen omdat twee kolenkachels stoken veel te duur was. Daarbij haalde je aan
die rotstoeltjes je nylonkousen open. In de achterkamer was het knus met de diepe
fauteuils die we geërfd hadden.
Ze stonden bij de oude kachel die was mee verhuisd.
Bij jou verschenen, als het vroor, de bloemen op de ramen en
moesten we ’s avonds de waterleiding afsluiten om de volgende dag gewassen naar
school te kunnen. De gasbel in Slochteren moest nog worden aangeboord, met de gashaarden die toen kwamen waren we eindelijk
verlost van het sjouwen met kolen en het ’s morgens opporren van het smeulende
vuurtje.
Aan de eettafel speelden we menig partijtje scrabble waarbij
ik vaak aan de verliezende hand was. Op jouw stoep kreeg ik de eerste zoen van
mijn eerste vriendje en zat ik te wachten tot ik werd binnengelaten, want de
achterdeur zat al op slot. Ik had me niet aan het tijdstip van thuiskomen
gehouden
Jouw uiterlijk herken ik nauwelijks nog. Toen mijn oudste
neef wilde trouwen moest mijn moeder, die inmiddels samen met jou het rijk
alleen had, het veld ruimen. Neef brak je van binnen bijna tot de grond toe af
en ook je buitenkant werd grondig onder handen genomen.
Ik ben nooit naar je binnenste gaan kijken, ik vond neef
toch al niet zo aardig en dat hij de oorzaak was van moeders gedwongen
verhuizing, nam ik hem niet in dank af. Moeder dacht er anders over en achteraf
begrijp ik het wel. Je was te groot en veel te bewerkelijk voor een vrouw
alleen. Met hulp van haar broer kreeg moeder een ander huis toegewezen. Dat kon
hij makkelijk regelen want hij was bestuurslid van een woningbouwvereniging. In
het belang van zijn zoon moest iemand anders op de wachtlijst wijken.
Ach, warme comfortabele tussenwoning aan het plantsoen, met
uitzicht op een vijver en een prachtige treurwilg. Een tuintje voor en achter,
wat was moeder tevreden met je.
Eenmaal ingericht met het vertrouwde meubilair, gelukkig
zonder de rotanstoeltjes, was het ook in jou goed toeven.
Ik woonde er wel niet, maar kwam graag een paar dagen ‘thuis’
als ik vrij was van mijn werk.
De oude eettafel bood zicht op een wild achtertuintje waar
moeder de varens, de akelei en de digitalis rustig hun gang liet gaan. Ik
verloor nog altijd de meeste potjes scrabble die we tot diep in de nacht
speelden.
Aan jouw uiterlijk is niets veranderd de afgelopen jaren, helaas
kreeg je een andere bewoner.
Schrijfcursus opdracht: beschrijf een voorval uit je leven en laat daarbij een huis, waar je hebt gewoond, een rol spelen. Ik koos voor bovenstaande opzet.
dinsdag, november 18, 2014
Abonneren op:
Posts (Atom)

