In verband met modereren kan het zijn dat het even duurt voor je reactie zichtbaar is.

zondag, mei 30, 2021

Chris Faber 21

Veenwijk 02

Onderweg naar huis raken Brechtje en Frits verstrikt in een woordenwisseling. Brechtje heeft zich geërgerd aan het gedrag van haar echtgenoot. ‘Waarom doe je zo vervelend tegen Chris. Het lijkt wel of je hem zijn nieuwe leven niet gunt.’
‘Ik begrijp niets van je broer. Waarom je kapitaal in Portugal over de balk smijten als je hier in Veenwijk de rest van je leven risicoloos op je lauweren kunt rusten.
Eerlijk gezegd vind ik dat beter bij hem passen. Tot hij werd ontslagen leek hij tevreden met zijn bestaan, maar sinds hij de loterij won is hij veranderd in een man van de wereld die een beetje met geld strooit als het zo uitkomt. Ik moet daaraan wennen.’ Brechtje blijft abrupt staan. Frits doet nog een paar stappen voor hij zich nors omdraait. ‘Wat nou weer?’
‘Frits Karsten, wat bazel je nou allemaal, ik denk dat je gefrustreerd bent dat je niet meeprofiteert van de prijs die Chris heeft gewonnen. Maar jij weet heel goed dat Chris nooit op zijn geld heeft gezeten. Ben je alle klussen vergeten die hij zonder betaling aan ons huis heeft gedaan? Als jij met jouw twee linker handen daar iemand voor had moeten inhuren, was je een slordige duit kwijt geweest. Weet je wat het is? Jij bent gewoon jaloers.’
‘Ja en, moeten we daar midden in de nacht op straat over bekvechten. Loop nou maar door ik wil naar bed.’
‘Als je maar weet dat hier het laatste woord niet over is gezegd. Jaloers omdat mijn broer de loterij heeft gewonnen. Koop zelf een lot wie weet levert het wat op.’

In de slaapkamer schopt Brechtje nijdig haar schoenen uit. Normaal hangt ze haar kleren keurig op een hangertje, maar nu smijt ze haar jurk en vest op de stoel in de hoek van de kamer. Als ze in bed wil stappen houdt Frits haar tegen. Hij slaat zijn armen om haar heen. ‘Brecht, we hebben een afspraak, nooit met ruzie naar bed.’
Zijn vrouw staat het huilen nader dan het lachen. ‘Ik weet niet wat jou mankeert, ik houd van je, we zijn gezond, financieel hebben we geen zorgen en dat geldt ook voor onze twee zonen. We hebben geen enkele reden tot klagen. Wil je soms ruilen met Chris?’
‘Nee, natuurlijk niet. Ik moet er niet aan denken om avonden in mijn eentje op de bank te slijten en de weekenden met een auto vol voetbaljunioren rond te rijden.’
‘Hoor je wat je zegt? Zo leuk was zijn leven blijkbaar niet, maar hij heeft er nooit over geklaagd. Ik gun hem zijn onderneming en hoop van harte dat die slaagt.’
De gedachten die Janneke haar in het oor fluisterde, houdt ze voor zich. De volgende ochtend moet Frits tempo maken om op tijd op zijn werk te zijn. Brechtje neemt zich voor die avond de draad van hun gesprek weer op te pakken.

Chris voegt zich op de trainingsavond van het seniorenteam ‘Veenwijk Vooruit’ als vanouds bij de voetballers aan de tap. Hij wordt enthousiast ontvangen. Iedereen is nieuwsgierig naar zijn Portugese avontuur. Chris vertelt van zijn belevenissen en de deal die hij in Portugal heeft gesloten. Door open kaart te spelen denkt hij de ergste roddels de kop in te drukken. Chris stapt op, nadat hij nog een rondje heeft gegeven. Wanneer de voetballers denken dat hij buiten gehoorafstand is, komen de tongen los. Jan Becker, de pestkop die op de lagere school Chris altijd het leven zuur maakte, heeft het hoogste woord. ‘Een zakelijke overeenkomst met een weduwe van zijn eigen leeftijd, dat gelooft geen hond. Altijd al gedacht dat die brave Faber de kat in het donker kneep. Nee, die is vast al met z’n Lustige Witwe van bil gegaan.'
De rechtsback heeft, zoals gewoonlijk na een training, een biertje te veel genuttigd.
Hij krijgt bijval van keeper Siem Lemstra. ‘Jammer voor de vrouwen in Veenwijk die hem maar een saaie vent vonden. Met dat kapitaal op de bank is Chris een stuk aantrekkelijker geworden, maar ze vissen nu mooi achter het net. Wees eerlijk, we hebben allemaal gedacht dat ie met hangende pootjes terug zou komen. Nee, die Portugese op haar portboerderij zit er straks warmpjes bij.’ De barman van dienst hoort het hoofdschuddend aan. ‘Jullie trappen nu wel lol om Chris Faber, maar ik ben benieuwd wie als eerste bij hem hengelt naar een goedkoop vakantieadres.’
Voor iemand daar iets op kan zeggen zwaait de deur open. Met een van woede vertrokken gezicht staat Chris in de opening. ‘Jan Becker als ik je ooit nog eens betrap op een opmerking over een Lustige Witwe komt brave Faber persoonlijk die steekneus van jou verbouwen.’ In de kantine valt een doodse stilte. Met zijn volle blaas had niemand rekening gehouden. ‘Succes verder met jullie oudewijvenpraat, ik ben hier voor het laatst geweest.’ Met een licht gevoel van triomf fietst Chris het terrein af. Dat hij die pestkop na jaren zijn vet heeft gegeven, stemt hem nog het meest tevreden.

Als hij twee dagen later aan het eind van de middag bij Hans Klunder een krant koopt, kan deze niet laten te vragen ‘Wat hoor ik nou van ‘Lopend Vuurtje’ heb je aangeboden Jan Becker zijn neus te verbouwen?’  ‘Hij vroeg erom en als hij dat nog eens doet als ik in zijn buurt ben, sla ik er echt op. Wat Jan Becker aangaat heb ik te lang mijn geduld bewaard. Trouwens die hele kantine kan me gestolen worden.
Lekker een gratis rondje achterover slaan en mooi weer spelen tot je uit zicht bent. Wie weet wat ze vroeger allemaal over me hebben gekakeld. Ik ben klaar met ‘Veenwijk Vooruit’.

Met zijn krant onder de arm steekt hij over naar de winkel van Gert en Janneke. Het is bijna sluitingstijd. Gert is bezig met een laatste klant. ‘Loop maar door, Janneke is al boven. De geur van verse koffie en appeltaart komt hem tegemoet. Janneke heeft hem de straat zien oversteken en staat hem bovenaan de trap op te wachten. ‘Gezellig Chris, je komt mooi op tijd om een bres in de taart te slaan. Terwijl ze koffie voor hem inschenkt vraagt ze. ‘En bevalt het je, terug op honk?’ Chris wacht met zijn antwoord tot zijn schoonzus tegenover hem zit. ‘Gek genoeg voelt het niet meer als thuis. Die tijd in Portugal met zijn afwisseling van armoede, pracht en praal en mooie landschappen heeft me geleerd dat ik niet echt gelukkig was met mijn gezapige leventje. Dat winnende lot was in alle opzichten een lot uit de loterij. Ik mis hier de hellingen van de Dourovallei en de schitterende sterrenhemel daarboven. Ik mis de kringelende rookpluimpjes waarvan ik inmiddels de betekenis ken. Ik heb zin om daar mijn handen flink uit de mouwen steken.’ Janneke krijgt niet de kans om op de ontboezemingen te reageren. Irene rent met twee treden tegelijk de trap op.
Ze wervelt de woonkeuken binnen en valt Chris om de nek. ‘Oom Chris wat fijn je te zien. Papa zei al dat je er was.’ Zijn nicht, in de groene bedrijfskleding van de supermarkt waar ze een baantje heeft, ploft op de stoel naast hem. Net geen twintig en zo dartel als een jong veulen. Daar moet nog flink aan geschaafd worden voor ze zelfstandig een bedrijf kan runnen.
‘Ik vind het zo tof dat ik een tijdje in je huis mag wonen, morgen ben ik vrij, mag ik dan langs komen?’
‘Irene, niet zo ongeduldig, oom Chris heeft meer zaken af te handelen. Jij staat vast niet als eerste op zijn lijstje.’
Chris begrijpt zijn nichtje wel. Hij zou ook liever aan zijn nieuwe onderkomen sleutelen dan hier aan het appelgebak zitten, hoe gezellig ook. ‘Je staat inderdaad niet bovenaan mijn lijstje, maar als ik morgen bij de bank ben geweest pik ik je op. Ik moet er om elf uur zijn.’
‘Kom hier lunchen, dan kunnen jullie daarna je gang gaan.’ stelt Janneke voor.
‘Prima. Dan hou ik de rest van de middag vrij. Intussen moet de jonge dame hier nadenken hoe zij denkt te gaan wonen. Wil je het komende jaar op het oubollige meubilair van je oom zitten of ga je eigen meubels aanschaffen? Ik hoop niet dat de tuin je afschrikt. Zelf heb ik het nooit zo mooi voor elkaar gekregen, tante Brechtje heeft hem voortreffelijk onderhouden tijdens mijn afwezigheid. De tuin wordt een onderdeel van de afspraken die wij samen gaan maken. Je mag gerust advies aan tante Brecht vragen, maar ik wil niet dat zij voor die tuin opdraait.’ Het klinkt Irene nogal logisch in de oren.
‘Jij bent grootgebracht op een bovenwoning met een dakterras, beetje plukken aan uitgebloeide plantjes in een bloembak is iets anders dan onkruid wieden dat ongevraagd de kop opsteekt.’
Janneke schiet in de lach. ‘Zelfs in dat plukken is ze niet erg bedreven. Ze ziet niet eens het verschil tussen een geranium en een fuchsia.’
‘Máááám.'
‘Nou dan laat ik het boek ‘Hoe onderhoud ik mijn tuin’, in de kast staan.’
‘Laat het Amsterdams kookboek ook maar staan, dat zou nog wel eens goed van pas kunnen komen.’
‘Jullie doen net of ik niets gewend ben, ik kook vaak genoeg.’
‘Natuurlijk’, zegt Gert die binnen komt lopen en haar woorden heeft opgevangen.
'Die aangebrande bietjes waren best lekker toen we er de korst hadden afgesneden. Chris ik vrees dat je keuken na een jaar wel een verfje kan gebruiken.’
Irene, opgegroeid met de plaagstootjes van haar ouders zegt. ‘Je hoort het oom Chris, mijn ouders hebben me schromelijk verwend, het is hun eigen schuld dat ik niks kan. Misschien kunnen we morgen meteen een kleurtje afspreken. Blijf je eten, het is mijn beurt om te koken. Ik ben gespecialiseerd in pasta.’

dinsdag, mei 25, 2021

Tegenstelling

Op-Onder
Zwolle

foto ferrara
klik voor vergroten op de foto 

zondag, mei 23, 2021

Chris Faber 20

Veenwijk 01

Nu de contouren van een definitief verblijf in Portugal zichtbaar worden, besluit Chris een week of twee naar Nederland te gaan om belangrijke zaken af te handelen. Intussen zal Leo in overleg met Jacintha alvast op zoek gaan naar een bonafide aannemer. Zodra het contract is getekend, wil Chris aan de slag met zijn huis.
Hij hoopt vurig dat ze haar schuldgevoel de baas blijft en dat ze zich in die weken niet bedenkt. Hij neemt zich voor het contact met haar zo zakelijk mogelijk te houden, maar daar zal ze zelf ook wel over waken. Met Maaike komt hij overeen dat hij tot zijn verhuizing naar Tua van kamer wisselt. Op zijn open ticket boekt hij een lijnvlucht naar Amsterdam, waar zus Brechtje hem zal ophalen. De Touareg levert hij op de luchthaven van Porto in. Bij terugkomst kan hij wel een kleinere auto huren. Naspeuren op internet heeft hem geleerd dat een buitenlandse auto invoeren in Portugal een lading papierwerk met zich meebrengt en dan nog is het de vraag of het goed komt. Chris heeft daar geen zin in. Hij gunt zich een jaar om te wennen aan zijn nieuwe leven en als blijkt dat het hem bevalt, kan hij altijd nog een auto aanschaffen. Laat zijn familie maar plezier hebben van de Berlingo. Hij noteert op zijn werklijstje onder bankzaken en huis/inboedel: Berlingo. Zijn pen aarzelt even, maar dan voegt hij toch Lydia Postma toe. Tenslotte heeft hij haar beloofd contact op te nemen zodra hij in Nederland is. In zijn grote koffer pakt hij eerst de tafelkleden in die hij in Barcelos voor Brechtje en Janneke kocht. Er bovenop gaan de meest noodzakelijke spullen, thuis ligt voldoende voorraad die hij aan het eind van zijn verblijf daar, in dezelfde koffer mee kan nemen naar Portugal. Eigenlijk zou hij het liefst al op die terugreis zijn.

Chris kan er bij zichzelf de vingers niet achter krijgen waarom hij niet uitkijkt naar een weerzien met Veenwijk. Is hij in die paar weken zijn geboortedorp al ontgroeid, is het de kneuterigheid die hem tegenstaat? Dat zal in Tua  binnenkort nog erger zijn, dus dat kan het niet zijn. Natuurlijk is het fijn dat hij zijn familie kan vertellen over zijn reis en dat hij zijn einddoel al zo snel bereikt heeft. Het onvermijdelijke negatieve commentaar zal hij naast zich neerleggen. Hij hoort zwager Frits met zijn zeurderige stemgeluid al zeggen. ‘Ik begrijp niet waar jij mee bezig bent, als je dan zo nodig je geld wilt uitgeven, kan dat toch ook in Veenwijk.’

Maar Frits gaat iets anders zeggen en dat steekt Chris meer dan hij wil toegeven.
Als ze de avond na zijn thuiskomst met z’n allen bij elkaar zitten en de laptop met foto’s op tafel staat vraagt Chris: ‘Waar zal ik beginnen, in Lissabon en de ontmoeting met Vera van Dam of aan het eind op het wijngoed?’
‘Doe maar het eind’, zegt Frits ‘We zijn zo onderhand wel benieuwd naar de weduwe.’ Het spottende toontje ontgaat Chris niet, gelukkig heeft hij bij de laatste ontmoeting het drietal gefotografeerd met de quinta op de achtergrond.
‘Lijkt me een aardige vrouw’, zegt Janneke
‘Wat een grijze muis’, is het commentaar van Frits. Chris voelt zich warm worden en schiet in de verdediging. ‘Zoals je zelf al zei, ze is weduwe en ze kleedt zich zoals ze dat gewend zijn in de zuidelijke landen. Na het zwart komt grijs en mogelijk blijft ze dat de rest van haar leven dragen. In mijn ogen is daar niets mis mee.’
‘Nou een fleurig jurkje zou haar anders niet misstaan. Aan de tafelkleden die je meebracht is te zien dat ze daar best van een kleurtje houden.’
Brechtje grijpt in. ‘Frits doe niet zo vervelend. Chris heeft vast interessantere zaken te vertellen dan de grijze kleding van Jacintha. Laat dat huisje eens zien wat je wilt verbouwen.’ Chris is zijn zus dankbaar voor de redding van de sfeer. Aan de hand van de foto’s vertelt hij honderd uit over zijn reis en de bezienswaardigheden. Ook de dag met Vera en het ongeluk van Joost Postma passeren de revue. Daar dreigt het weer even mis te gaan, omdat de verzekeringsman in Frits vindt dat Lydia misbruik heeft gemaakt van de gelegenheid.  Maar nu redt Gert de situatie door begrip te tonen voor het feit dat Chris graag iets wilde doen, nadat hij de pelgrim een lift had geweigerd. Chris brengt zijn familieleden tot in detail op de hoogte. Vooral van de laatste weken, nadat hij zijn intrek nam bij Leo en Maaike, doet hij nauwgezet verslag. Hoe vanaf daar de bal serieus begon te rollen toen hij Leo van zijn wensen had verteld. Hij laat niets achterwege, van de twijfel van Jacintha, het wantrouwen van Carlos tot de taallessen van Maaike, alles komt op tafel. Hij brengt zijn verhaal zo enthousiast en overtuigend dat niemand het waagt veel tegengas te geven. Zelfs Frits houdt na de berisping van Brechtje wijselijk zijn mond.

‘En nu ben ik hier om een aantal zaken te regelen, ik geef mezelf een jaar en als blijkt dat ik totaal mis heb gegokt, kom ik waarschijnlijk voorgoed terug. Dat betekent dat mijn huis voorlopig beschikbaar moet blijven, maar het lijkt me een verbond voor jullie om daar zo lang op te moeten passen. Ik wil daar via de makelaar een tijdelijke oplossing voor zoeken.’
Gert onderbreekt hem. ‘Die oplossing zit bij ons thuis, wij hebben daar stiekem al over nagedacht. Irene is klaar met haar opleiding in de detailhandel en ze heeft besloten dat ze op den duur de winkel wil overnemen. Je begrijpt dat Janneke en ik daar heel blij mee zijn. Ze komt dus bij ons werken, maar ze wil dolgraag zelfstandig gaan wonen. Ze opperde zelf het idee, stel dat oom Chris in Portugal blijft zou ik dan, als ik flink spaar, zijn huis kunnen kopen? Het meeste geld dat ze heeft verdiend met haar weekendbaantje bij de Jumbo is opgegaan aan kleding en het studentenleven en bij ons zal ze heus niet meteen met een vorstelijk salaris beloond worden. Dus van een huis kopen kan voorlopig geen sprake zijn, maar als ze een jaartje jouw huis kan huren kan ze mooi leren hoe het daadwerkelijk in de knip voelt als je maandelijks vaste lasten moet ophoesten.’ Chris gaat zonder nadenken akkoord, hij heeft er nooit bij stilgestaan dat het enige kind van Gert en Janneke voor de oplossing van dit vraagstuk kon zorgen. Hij ziet zich weer staan met het ingepakte bundeltje in de buiging van zijn arm. Haar roze schedeltje bedekt met vlossige blonde haartjes.
Het welkome nichtje dat eindelijk, na jaren wachten, dozen vol medicijnen en kunstgrepen, het geluk van Janneke en Gert kwam vervolmaken. Drie jaar later windt ze hem feilloos om haar kleine vingertje: ’Ome Kjiss, ijsje kopen?’ Uitgegroeid tot een spontane meid met de heldere blauwe ogen van de Fabers. 
'Dat actiepunt kan ik dus schrappen van mijn lijstje. Over vaste lasten moeten we binnenkort maar eens doorpraten, ik snap dat Irene moet leren met geld om te gaan, maar ik ga jullie dochter natuurlijk geen poot uitdraaien. Over een ander praktisch vraagstuk moet Frits me adviseren. Wat te doen met de auto? Invoeren in Portugal geeft een berg rompslomp. Ik overweeg de Berlingo bij jullie achter te laten, maar daarover hoeven we nu niet beslissen.’ Het is ver na twaalf uur als Chris zijn familie uitlaat. Het is ze duidelijk dat hij over niet al te lange tijd Veenwijk achter zich laat. Eenmaal buiten houdt Janneke haar pas in. Ze trekt Brechtje aan de mouw.
Buiten gehoorafstand van Gert en Frits fluistert ze. ‘ Even onder ons, Chris is verliefd, maar hij weet het zelf nog niet.’ 
‘Echt iets voor jou om dat te denken, maar ik geloof niet dat het zo’n vaart loopt.’
Aan het eind van het tuinpad heeft Frits zich omgedraaid, ‘Wat staan jullie daar te smoezen, schiet eens op ik wil zo onderhand naar huis. Morgen is het weer vroeg dag.’

dinsdag, mei 18, 2021

Tegenstelling

 Toen-Nu
Tecklenburg-Duitsland

foto ferrara
klik voor vergroten op de foto

zondag, mei 16, 2021

Chris Faber 19

Rooksignalen

Op Quinta Rodrigues wil de gespannen sfeer niet wijken. Ook al zitten ze aan het eind van een werkdag nog even bij elkaar, in de vertrouwde omgang is een breuk ontstaan die geen van drieën weet te lijmen. Bij Carlos thuis wordt het ook niet gezelliger.
Zijn vrouw Isabel laat geen moment onbenut om haar mening te ventileren. 'Dringt het wel tot je domme hoofd door wat je op het spel zet?  Als Jaime nog geleefd had, was je vast minder brutaal geweest. Je hebt je te schikken naar je werkgeefster. Misschien denk je dat je ergens anders je brood kunt verdienen, maar je krijgt nergens de vrijheid om tussen de bedrijven door de gids uit te hangen, zelfs niet bij de boeren die je voor dat baantje inhuren. Die zouden enkel je loon betalen. Nu incasseer je een mooi extraatje, want Jacintha betaalt je die uren dat je er niet bent gewoon door.  Eigenlijk ben je een ondankbaar schepsel, je gaat het maar goedmaken met haar en Vasco.'
Haar venijnige relaas komt de hele week in alle mogelijke variaties voorbij. Als hij in bed toenadering zoekt, wijst ze hem zonder pardon af.

Hoewel hem de situatie op de quinta niet lekker zit, is het Carlos de eer te na om snel bakzeil te halen. Tijdens hun gezamenlijke werkzaamheden doet Vasco niet alleen zijn best  om de oude sfeer terug te krijgen, hij blijft ook de verbeteringen benoemen die met hulp van Chris gerealiseerd kunnen worden. Maar alles wat hij oppert, lijkt aan dovemansoren gezegd.
Vasco heeft van zijn vrouw Maria gehoord dat Isabel Cardoso haar man dagelijks de kast uitveegt en hij besluit daar een schep bovenop te doen. Als ze op de laatste werkdag van de week hun gereedschap opruimen, barst hij woedend los.
‘Oké stijfkop. Ik heb er genoeg van. Op deze manier kan ik niet langer werken. Ik ga Jacintha vragen die Hollander buiten de deur te houden, dan kun jij weer normaal doen en hopelijk kunnen we na verloop van tijd op de oude voet verder.’ Carlos voelt dat hij te ver is gegaan, die schuld wil hij niet op zich nemen, bovendien hoeft hij met die boodschap niet thuis te komen. Met afhangende schouders zakt hij schuldbewust neer op een stapeltje oogstmanden. Vasco staat, met de handen in de zakken, afwachtend voor hem. Carlos durft nauwelijks op te kijken. ‘Je hebt gelijk, met mijn wantrouwen verziek ik de sfeer hier en thuis. Isabel is razend, ik mag blij zijn dat ik nog te eten krijg. De weg terug is niet makkelijk, ik schaam me kapot en weet niet wat ik tegen Jacintha moet zeggen.’
‘Zeg dat het je spijt en herhaal wat je net tegen mij zei, zo moeilijk was dat toch niet? We moeten deze rottijd achter ons laten. Als we binnen zitten om de week af te sluiten, zorg jij dat er een eind aan deze situatie komt. Daarna stel ik voor dat Faber volgende week zijn tekening laat zien en voor die tijd hebben jij en ik het huisje opgeruimd, dat lijkt me een uitstekende goedmaker.’ Hij steekt zijn collega de hand toe en trekt hem overeind. ‘Kom we gaan Jacintha blij maken.’

Vasco zorgt ervoor dat Carlos als eerste de woonkeuken binnenkomt, hij geeft Jacintha een knipoog en knikt heel even met zijn hoofd. Zij vangt de hint op.
‘Vergis ik me of lijkt het dat de ruzie is bijgelegd.’ Carlos kucht nerveus. ‘Dat is niet mijn verdienste. Vasco heeft de hele week op me ingepraat en Isabel gaf me ook iedere dag een preek mee. Ik schaam me voor de afgelopen dagen, het spijt me dat ik zo weinig vertrouwen in je had. Zeg maar wat ik moet doen om het goed te maken.’
Om hem niet verder in verlegenheid te brengen onderdrukt ze de neiging om hem te omhelzen. In plaats daarvan geeft ze een kneepje in zijn onderarm. ‘Ik ben blij met je. Wordt weer de oude Carlos waar ik op kan rekenen, dat is genoeg.’ Als de glazen gevuld zijn heft Jacintha het hare en brengt een toost uit.‘Saude um brinde a Quinta Rodrigues.’  ’s Avonds belt ze Maaike om te zeggen dat de rust is weergekeerd en dat Chris welkom is om zijn tekening voor te leggen.

Na het weekend rijden Chris en Leo naar Tua. De rookkolom die Chris van een afstand achter een van de schuren ziet kringelen, verontrust hem. ‘Het lijkt wel of er iets in brand staat.’ 
‘Welkom in Portugal, wat je daar ziet is voor een Nederlander niet normaal, maar hier is het heel gewoon. Je mag in dit land je afval op je eigen erf gecontroleerd verbranden. Als het waar is wat ik denk, dan hebben Jacintha en haar mannen een grote stap voorwaarts gezet.’
Chris ziet verandering in de houding van de weduwe. Ze lijkt meer ontspannen dan bij de vorige bezoeken, vandaag heeft ze haar lange haren in een staart gebonden maar ook nu heeft de weerbarstige lok zich niet laten vangen. Haar ogen staan vrolijk als ze haar bezoekers begroet.
‘Kom binnen, ik wil jullie eerst uitleggen wat hier is voorgevallen, daarna roep ik Vasco en Carlos.’ Jacintha vertelt van de spanningen die er de afgelopen week zijn geweest. Aangezien Chris zelf de weerstand van Carlos heeft gemerkt verbloemt ze het wantrouwen van Carlos niet. Zonder alle details te noemen vertelt ze hoe blij ze is dat de strijdbijl is begraven en dat meneer Faber hier nu zit om zijn bouwplan voor het huisje te laten zien. ‘Voor Carlos zal een hernieuwde ontmoeting even lastig zijn, maar ik neem aan dat jullie daar samen wel uitkomen. Vanmorgen hebben de beide mannen het meeste afval uit het huisje gehaald zodat er beter zicht is op de woonruimte.’
Leo onderbreekt haar. ‘Heb ik het toch goed gedacht Chris, dat was de rookpluim die je zag.’ Daarna wendt hij zich tot Jacintha. ‘Ben ik voorbarig als ik zeg dat jij je besluit hebt genomen en dat renovatie en huisvesting geregeld kunnen worden?’
‘Ik zal eerlijk zijn en je mag het later vertalen. Ik wil daar liever niet bij zijn. Dat meneer Faber hier komt wonen, stelt mijn geweten tegenover Jaime behoorlijk op de proef en de dorpsroddel laat me ook niet onberoerd. Ik hoop dat hij daar begrip voor heeft. Vasco vindt het onzin dat ik bang ben voor de praatjes in het dorp, die zullen volgens hem niet lang duren. Tenslotte gaan we niet onder één dak wonen. Ik moet bekennen dat de praktische overwegingen die Vasco inbracht, zoals bijvoorbeeld direct toezicht op de bouw van de schuren, de doorslag hebben gegeven. Zo, dan ga ik nu de mannen roepen, want we zijn wel nieuwsgierig naar de tekening.’

Ondertussen legt Leo uit dat hij Chris op weg naar huis zal bijpraten over het relaas dat Jacintha afstak.
Voor ze met z’n vijven aan tafel schuiven, biedt Carlos in zijn beste Duits,zijn excuses aan. Chris is al lang blij dat het ijs is gebroken, ze schudden elkaar de hand en voor hem is daarmee de kous af. Hij vouwt zijn bouwplan open op tafel.
Drie hoofden buigen zich aandachtig over het papier. Jacintha kijkt verrast op. ‘Wat mooi, dat had ik niet verwacht. Wilt u ook een terras maken?'
'Ja, ik zie me daar wel zitten met uitzicht op de boomgaard.'
Carlos, nog wat verlegen met de situatie, blijft naar de tekening kijken en knikt goedkeurend. Vasco fluit tussen zijn tanden en steekt een duim op. ‘Zullen we uw toekomstige onderkomen nog even bekijken? Dan kunt u meteen zien wat er al is opgeruimd.’

Tot Chris zijn verbazing ligt er alleen nog wat oud gereedschap in de woonruimte.
Met opzet richt hij zich tot Carlos. ‘Goed werk, mijn complimenten. Liggen de pallets en de oogstmanden na te smeulen in het vuur?’
Voor Carlos zijn het verlossende woorden, de nerveuze trek verdwijnt van zijn gezicht. ‘Het zijn vooral de manden, veel pallets zijn nog te gebruiken. Het verroeste gereedschap en de motormaaier gaan naar de vuilstort.’
Aan de hand van het schema van Chris nemen ze de vertrekken onder de loep. In de badkamer wijst Vasco op de hoek bij de douche. ‘Misschien is daar ruimte voor een kleine wasmachine.’
‘Of dat kan moet de aannemer beoordelen. Ik maak me meer zorgen over de aansluitingen naar de keuken. Ik vraag me af of die buitenom gelegd kunnen worden. Dat brengt me op de vraag welke aannemer deze verbouwing moet gaan doen.'
Leo, die zich afzijdig heeft gehouden, zegt daar wel ideeën over te hebben, maar dat de notaris eerst aan de beurt is. Jacintha is het met hem eens. Ze stelt voor in haar woonkeuken een port te drinken op de toekomstige samenwerking.
‘Je moet er toch aan geloven, ik denk niet dat er in dit huis bier wordt geschonken.’ zegt Leo. ‘Man ik ben zo blij met de gang van zaken, dat ik dat spul zonder morren door mijn keelgat giet. Wil je vragen of we kunnen overgaan op tutoyeren. Nu ik zo’n beetje ben aangenomen begin ik me als Senhor Faber ongemakkelijk te voelen.’
Als alle glazen zijn ingeschonken proost Jacintha. ‘Chris, benvindo em Quinta Rodrigues.’
Chris had graag met een blije volzin geantwoord. Maar zijn ‘Obrigado, destino alcançado.’ (dank je wel, bestemming bereikt) wordt zeer gewaardeerd.

dinsdag, mei 11, 2021

Tegenstelling

 Deugdelijk-Ondeugdelijk
straatmeubilair Ugchelen

foto ferrara
klik voor vergroten op de foto

zondag, mei 09, 2021

Chris Faber 18

Carlos Cardoso

Nadat Maaike en Chris zijn vertrokken ontstaat in de woonkeuken van Quinta Rodrigues een woordenwisseling. Smalend herhaalt Carlos de woorden van Vasco over een eventuele huisvesting van Chris. ‘Ik begrijp niet dat je bij de eerste ontmoeting met die geld strooiende Hollander al zo’n beetje op je knieën ligt. Ik vraag me serieus af hoe een bouwvakker aan zoveel geld komt, zodat hij niet meer hoeft te werken en waarom hij hier de rijkaard komt uithangen. Wie zegt dat het geen smerig geld is wat hij met louche zaken heeft verdiend. Stel dat het met drugshandel is binnen geschraapt, daar willen wij toch niets mee te maken hebben. Voor je het weet loopt de maffia hier rond. Ik vertrouw die man met zijn vriendelijke blauwe ogen en zijn mooie praatjes voor geen cent.’
‘Ik vond het meteen een sympathieke vent. Je denkt toch niet dat Leo en Maaike met een misdadiger komen aanzetten. Ik vind dat we hem een kans moeten geven, het kan op den duur de zaken op het wijngoed alleen maar ten goede komen. Als hij op het terrein komt wonen is er permanent toezicht op de bouwwerkzaamheden, jij weet heel goed dat dat geen overbodige luxe is.’
Jacintha komt tussenbeide. 'Mannen, op deze manier leidt het tot niets. Ik wil niet dat meneer Faber een wig tussen jullie drijft. Als zijn plannen ervoor zorgen dat jullie als vijanden tegenover elkaar komen te staan, zeg ik hem vanavond nog af. Tot nu toe hebben we, ondanks het verval van de gebouwen, de portproductie draaiende gehouden, dat kunnen we gewoon blijven doen. Desnoods neem ik een nieuwe lening om de zaak op te knappen. Ik wil  nog één ding weten, Carlos. Ben je alleen bang dat Faber fout geld in mijn bedrijf stopt of speelt er meer?’

‘Je kan nog zo’n mooi contract opmaken toch ben ik bang dat hij je met slimme praatjes inpalmt en het wijngoed van jou overneemt om het vervolgens door te verkopen. Dat zal voor Vasco en mij waarschijnlijk niet zonder gevolgen blijven.’
Jacintha kijkt hem verbijsterd aan. ‘Denk je echt dat ik dat laat gebeuren, vertrouw je me zo weinig na al die jaren dat we samenwerken?’ Er valt een ongemakkelijke stilte. Vasco pulkt aan zijn hoed die op tafel ligt, hij kent de angst van zijn maat. Tot zijn ongenoegen heeft hij hem niet op andere gedachten kunnen brengen en nu ligt zijn wantrouwen tussen hen in op tafel.
Jacintha staat op en schenkt drie glaasjes port in. ‘Dankzij deze drank hebben wij een bestaan opgebouwd, daar zal geen verandering in komen, het kan hooguit beter worden. Overigens heb ik bij Leo en Maaike naar meneer Faber geïnformeerd.
Hij weet maar al te goed wat het is om ontslagen te worden . Het is hem zelf overkomen, nadat het bedrijf waar hij werkte werd overgenomen. Niet zo lang daarna won hij een flink kapitaal in een loterij, dus van fout geld is geen sprake.
Hopelijk brengt deze wetenschap je op minder vijandige gedachten. Ik kan je niet dwingen, maar het zou fijn zijn als je wat vriendelijker tegen hem zou zijn. Ik zie nu al op tegen zijn volgende bezoek. Zolang Leo of Maaike in de buurt zijn is de taal geen probleem, maar jij kunt mij daarin ook een grote dienst bewijzen.’ 
Carlos geeft zich niet meteen gewonnen. Hij slaat het laatste slokje port achterover en zet met een ferme tik het glas optafel. ‘Mij was het liever geweest dat die man met zijn mooie idealen hier niet was verschenen, hij zorgt voor onrust. Als jullie het niet erg vinden ga ik nu naar huis, ik heb vanavond voetbaltraining.’ Even later scheurt hij in een stofwolk het terrein af.

Vasco drinkt ook zijn glas leeg, maar maakt geen aanstalten om op te staan. Hij ziet de vertwijfeling bij zijn bazin aan de overkant van de tafel. Ondanks het feit dat er wel eens verschil van mening is, is het voor het eerst dat ze aan het eind van de dag in onmin uit elkaar gaan. Jacintha vecht tegen opkomende tranen. ‘Kijk nou wat er gebeurt. Straks neemt hij nog ontslag. Misschien heeft Carlos gelijk en zorgt meneer Faber voor onrust. Ik wil dit niet. Ik bel vanavond met Maaike en zet een punt achter het hele onzalige plan.’  Vasco ziet het anders en denkt aan de toekomst. ‘Zou je dat wel doen, probeer eens helder naar de situatie te kijken. Het is Carlos die vanaf het eerste moment dwars ligt, goed beschouwd zorgt hij in zijn starheid voor onrust en houdt mogelijke nieuwe ontwikkelingen binnen de portproductie tegen. Zo ver heeft hij niet doorgedacht, hij ziet enkel het gevaar van overname. Ik zal morgen opnieuw met hem praten. Carlos kan dit niet tegenhouden, jij neemt hier de beslissingen, niet hij.’
‘Je bent niet de enige die dat zegt, maar ik weet niet of ik er goed aan doe om dat geld te accepteren, en dat is nog wel uit te leggen, maar Faber op het erf laten wonen, gaat misschien een stap te ver. Wat zullen de mensen in Tua daarvan zeggen. Ik zal je eerlijk zeggen, ik slaap er slecht van. Vannacht droomde ik dat Jaime voor mijn bed stond en ...’
Vasco onderbreekt haar: ‘Laat die ouwe wijven, met de Padre voorop, toch kletsen. Dat duurt twee weken en dan vinden ze weer iets anders om over te roddelen.’
‘Vasco, ik ben vanmorgen gaan biechten. De Padre denkt dat ik de verschijning van Jaime ook als toestemming kan opvatten en dat maakt het niet makkelijker.’
Als Vasco van zijn verbazing is bekomen schuift hij zijn lege glas richting de portfles. Jacintha schenkt hem nog een glaasje in. Die vrome kwezel van een Bardorino, sluwe vos, is een beter woord. Hij is geen fan van de oude pastoor en verdenkt hem van verder kijken dan zijn steekneus lang is. Die ziet kansen voor herstelwerkzaamheden aan zijn kathedraaltje. Hij houdt de gedachten wijselijk voor zichzelf. Het is van later zorg en daar zal die Hollander zich vast mee redden, want dat die hier voet aan wal gaat krijgen staat voor Vasco vast. Het wijngoed moet er beter van worden, niet de kerk. ‘Ik begrijp je trouw aan Jaime, maar ik denk dat hij tegen een financiële injectie geen bezwaar zou hebben.’ Hij buigt zich over tafel. ‘En nu ga ik iets zeggen wat ik als werknemer niet hoor te doen. Meneer Faber huisvesten achter de quinta, wil niet zeggen dat je met hem onder één dak woont, daarmee ben je Jaime niet ontrouw.’ 
En weer staan er tranen in Jacintha’s ogen. ‘Ik ben blij met je begrip, maar toch voelt het zo.’
‘Slaap er nog een nachtje over, ik praat morgen met Carlos.’

Het is goed dat Chris van dit alles geen weet heeft, want dan had hij de voorbarige, enthousiaste mail naar de familie in Veenwijk niet verstuurd. Nog dezelfde avond mailt Gert terug. Hoewel Chris nog nooit in zeven sloten tegelijk is gelopen, blijft zijn broer van mening dat hij te hard van stapel loopt. Chris haalt zijn schouders erover op en zet, voordat hij naar bed gaat, de eerste lijnen van de bouwschets op papier.

 
Omdat het trio op Quinta Rodrigues tijd nodig heeft om met elkaar in het reine te komen, wordt het geduld van Chris behoorlijk op de proef gesteld. Door Maaike is hij op de hoogte gebracht over wat er is voorgevallen tussen Jacintha en haar medewerkers. Chris zit er mee in zijn maag, in zijn naïviteit is hij te gemakkelijk aan de weerstand van Carlos voorbijgegaan. Het is nooit zijn bedoeling geweest dat er onenigheid zou ontstaan. Maaike weerhoudt hem ervan om nog eens te gaan praten.
Het lijkt haar verstandiger het initiatief bij hen te laten. Bij nader inzien heeft ze spijt dat ze haar eigen advies, om behoedzaam te werk te gaan, zelf niet heeft opgevolgd. Ondanks dat heeft ze alle vertrouwen in een goede afloop, zeker nadat ze Chris zijn ontwerp van het huisje heeft gezien. Met een dergelijk verblijf zou ze op haar terrein goede zaken kunnen doen.